Verhagen: ‘Energiebesparing enorme kans voor bouwsector’

28.03.2016 | Branchenieuws | 1338 keer bekeken
Verhagen: ‘Energiebesparing enorme kans voor bouwsector’

Het energiezuinig maken van woningen en gebouwen is een enorme marktkans voor bouwbedrijven. Dat meldt Maxime Verhagen, voorzitter van Bouwend Nederland. ‘Verduurzamen van vastgoed betekent werk voor honderden bedrijven en duizenden bouwvakkers. Ook huiseigenaren zijn gebaat met energiezuinige woningen door de lagere energierekening.’

Energiebesparing in vastgoed is niet vanzelfsprekend. Woningen en gebouwen worden niet vanzelf energiezuinig, daarvoor is hulp nodig uit de bouwsector. Uitgerekend de sector die de laatste jaren zware klappen heeft moeten opvangen vanwege de economische recessie. Toch heeft deze sector de toekomst. Dat meldt Maxime Verhagen, de voorzitter van Bouwend Nederland. ‘Nederland heeft behoefte aan meer goede woningen, aan ziekenhuizen die voldoen aan de eisen van déze tijd, net als behoefte aan veel betere schoolgebouwen. Wie daarin niet investeert, is nooit klaar voor de toekomst’.

Bouwend Nederland is voorstander van het energiezuiniger maken van woningen en andere gebouwen. Waarom moet dit gebeuren? Wat is het belang van de bouwsector?


Verhagen: ‘Nou, we weten het allemaal. Grondstoffen worden schaarser, het energievraagstuk nijpender en het klimaat verandert. Minder opvallend voor het grote publiek is echter dat de bouwsector grote invloed kan hebben op het verduurzamen van de samenleving. Gelukkig zijn we er in de sector al langer van overtuigd dat duurzaam bouwen de toekomst is. Nou is de bouw al jaren actief in het verminderen van de milieudruk, op allerlei manieren. Van het bouw- en sloopafval wordt circa 95% gerecycled, veel bedrijven zijn actief bezig met het reduceren van hun CO2-footprint en het gebruik van duurzame bouwmaterialen neemt sterk toe. Daarnaast zijn er zowel in de grond-, weg- en waterbouw als de woning- en utiliteitsbouw steeds meer duurzame technische oplossingen voor bestaande en nieuwe gebouwen. We werken hard aan verdere verduurzaming van de bouw.’    

‘Kortom, we zijn ons er erg van bewust dat we bouwen voor de maatschappij. Dat betekent in de breedste zin van het woord dat we bouwen voor ‘people en planet’en we weten ook dat dat ‘profit’ kan en mag betekenen. Steeds meer bouwbedrijven pakken dat heel goed op. Duurzaam ondernemen wordt een belangrijke voorwaarde voor het benutten van marktkansen. En die zijn er, ze staan om ons heen. Nederland telt zo’n 7 miljoen woningen. Zeker de oudere daarvan zijn bepaald niet energiezuinig. Jaarlijks geven Nederlandse huishoudens maar liefst circa 13 miljard euro uit aan energiekosten. Daarom moet er nodig duurzaam gerenoveerd worden. Energiebesparing in bestaande woningen is dus één van onze belangrijkste aandachtspunten. Daarom werken we dus ook hard aan het verminderen van energieverbruik en de CO2-uitstoot in de gebouwde omgeving. Bij bestaande woningen en andere gebouwen streven we dat doel na door eigenaren en (ver)huurders te stimuleren om te investeren in het energiezuiniger maken van hun woning c.q. gebouw.’

‘In de corporatiesector zien we al een intensieve inzet voor duurzaamheid. Het meest opvallende initiatief is de Stroomversnelling. Daar doen grote corporaties aan mee. Zo werken grote en mkb-bouwers in de hele keten samen aan energiebesparing. Die kennis ‘exporteren’ we naar bestaande koopwoningen, zodat die met minder stookkosten, en dus met een hogere hypotheek, binnen bereik komen voor starters. Verduurzamen van woningen, energiezuinig maken van de gebouwde omgeving, is een enorme marktkans voor onze bedrijven. Het betekent werk voor honderden bedrijven en duizenden bouwvakkers.’

Heeft de bouwsector hiervoor voldoende expertise in huis? Waaruit blijkt dat? Of kan dit beter worden uitbesteed aan gespecialiseerde bedrijven?

‘Bij het energiezuinig maken van woningen komt het aan op vakmanschap. Een poosje geleden heb ik in Amersfoort een centrum geopend, dat ondernemers daar bij ondersteunt. Dat is een teken dat we het bouwen aan een duurzame samenleving echt serieus oppakken. Niet elk bouwbedrijf is er klaar voor, bovendien is er een enorme innovatie gaande in dit deel van de markt. Dus het is nodig om efficiëntjezelf en je medewerkerste laten informeren en waar nodig bijscholen. Je ziet overal dat er gewerkt wordt aan doorvertalingen van duurzaamheid in het hele bouwproces. Eén van de belangrijkste randvoorwaarden is de aanwezigheid van goed opgeleide vakmensen die up to date zijn met hun kennis en vaardigheden. Dat moedigen we actief aan.’

‘Niet iedereen is al klaar voor het bouwen van een all-electric woonwijk, of werken met prefab stro-panelen, of andere biobased materialen. Die komen er ongetwijfeld aan, in de komende jaren. Maar niet overal en voor iedere klant. Laten we dichtbij die klant en zijn budget blijven. Er is voor heel veel bedrijven nog heel veel te bereiken met de vakkundige en efficiënte toepassing van steeds betere isolatiematerialen en technieken, net als met duurzame en herbruikbare materialen. Dan gaat het om verduurzamen op een manier die bij de klant past. Daar is degelijk vakmanschap voor nodig en dat op grotere schaal. Het opzetten van centra zoals in Amersfoort zijn belangrijke stappen in die richting.’

Verduurzamen van bestaande bouw betekent ingrijpende renovaties. Is het niet beter om oude gebouwen te slopen en te werken aan energiezuinige nieuwbouw?

‘Voor veel woningen is dat geen optie. Bij huizenbezitters zijn we al blij dát ze nu dankzij het Energieakkoord en de energielabel-atlas willen investeren in het energiezuinig maken van hun woning. Zij gaan hun eigen woning echt niet slopen en een energieneutraal of zelfvoorzienend huis op hun kavel neerzetten. Ondertussen moeten corporaties het nu doen met een flink beperkt budget, zij kiezen dus ook voor renovatie. En daar zijn al mooie voorbeelden van, in samenwerking met onze grote bouwbedrijven. Dus investeren in de 7 miljoen bestaande woningen is bijna altijd een kwestie van veelvuldig renoveren. Als we de lessen daarvan steeds beter, slimmer en sneller kunnen toepassen, dan is dat echte winst. Voor nieuwbouw komt natuurlijk weer meer ruimte, maar laten we goed de enorme aantallen in het oog houden. Het is èn-èn, niet of-of.’

Doel van het convenant Meer Met Minder is om jaarlijks 300.000 bestaande woningen en andere gebouwen met minimaal twee klassen in energielabel te verbeteren. Wat doet Bouwend Nederland hieraan?

‘Alle inspanningen hebben er toe geleid dat de woningcorporaties op enorme schaal zijn gaan investeren in energiebesparing in de bestaande voorraad. Daarnaast zijn er heel veel lokale initiatieven om eigenaren van bestaande woningen te stimuleren en ondersteunen bij energiebesparing investeringen in hun woning. En dat aantal neemt alleen maar toe. Dat is mede te danken aan de concrete ondersteuning van initiatiefnemers en hun lokale partners – gemeenten, bouwbedrijven, woningeigenaren – die de uitvoeringsorganisatie Meer Met Minder daarbij biedt. Bouwend Nederland is mede dragende organisatie van Meer Met Minder. Dat werpt zijn vruchten af.’

Maxime Verhagen - Bouwhuis staande foto.
Maxime Verhagen: ‘Het energielabel is een uiterst belangrijke maatregel’

Wat voor label genereert de energielabelatlas? Hoe is dit te vergelijken met het formele energielabel? En hoe verhoudt dit zich tot het indicatieve label vanaf 2015?

‘Via de Energielabel-atlas maken we eigenaren bewust van de energieprestatie van hun woning. Zo kunnen ze gericht investeren in de verbetering daarvan, zodat ze meer comfort en minder kosten krijgen. En natuurlijk een beter verkoopbare woning. De energielabelatlas genereert drie typen energielabels. Ten eerste de huidige gecertificeerde energielabels, die opgenomen zijn door EPA-adviseurs. Twee zijn de indicatieve energielabels op basis van algemene woninggevens, onder andere uit de Basisgegevens Adressen en Gebouwen. De derde soort zijn de indicatieve energielabels die aangepast zijn met circa tien eenvoudige woninggegevens, die de woningeigenaar zelf kan invullen.’

‘De indicatieve energielabels die met de tien woninggegevens zijn aangepast komen in meer dan 90% van de gevallen binnen één labelstap overeen met het certificaat. De Energielabelatlas gebruikt daarvoor dezelfde rekenkern als het certificaat. De methode van de Energielabelatlas voert altijd de meest recente rekenregels van de overheid zo snel mogelijk door. Hoe dan ook, het energielabel is een uiterst belangrijke maatregel. Want pas als alle woningen van zo’n label zijn voorzien, en dat ‘plaatje’ onder meer bij elke te koop staande woning op Funda in beeld is, gaat het ook een bepaalde marktwaarde vertegenwoordigen. Wie hoger scoort kan voor zijn woning immers een hogere prijs bedingen. En dat kan nu net die extra prikkel zijn voor een woningeigenaar om zijn woning energiezuiniger te maken.’

Met de energielabelatles lopen Bouwend Nederland en Meer Met Minder vooruit op het indicatieve label. Vanwaar die snelheid? Maait u hiermee niet het gras weg voor de voeten van minister Blok?

‘Snelheid is geboden, omdat nu al lang genoeg gewacht is. De bouwsector is er klaar voor en veel woningeigenaren ook. Bovendien is de Energielabelatlas vooral een bewustwordingsinstrument dat we nu al kunnen toepassen. Hierdoor leren we van reacties uit de samenleving in dorpen, steden, wijken en straten. We maaien niet het gras weg voor Blok, maar effenen voor hem het pad om straks makkelijk deze methode ook formeel namens de overheid toe te passen. Blok kan zijn voordeel doen met onze ervaringen.’ 

Wat verwacht Bouwend Nederland van het energieakkoord? Valt het mee of tegen? Wat doet de bouwsector eraan om het tot een succes te maken?

‘Het is niet voor niets dat wij ons al heel wat jaren inspannen voor het stimuleren van investeringen in de verduurzaming van de gebouwde omgeving en vooral ook in energiebesparing. Het energieakkoord voor duurzame groei is dus een grote stap in de goede richting. Het zet veel partijen aan om te investeren in duurzaamheid en energiebesparing. En daar kunnen onze leden maximaal van profiteren. Nou is de bouw al een aantal jaren niet meer een motor van de Nederlandse economie. We zijn op dit moment eerder de handrem. Daarom is het ook zo belangrijk dat er instrumenten worden ontwikkeld om bouwinvesteringen aan te jagen. Want iedere euro die in de Nederlandse bouw wordt geïnvesteerd vertaalt zich direct in een beter resultaat en groei van de werkgelegenheid bij Nederlandse bedrijven. Niet alleen in de bouwsector, maar zeker ook in de sectoren daaromheen. De gunstige, goedkope leningen voor energiebesparing helpen daar zeker bij.’

‘Voeg daarbij alle andere bouwrelevante investeringen die in het akkoord zijn opgenomen: de bouw van windmolenparken op zee en op land, het stimuleren van decentrale duurzame energieopwekking, en de aanleg van nieuwe ondergrondse infrastructuur voor het transport van energie - en het verklaart waarom we zo positief zijn over het akkoord. Doorrekening van het energieakkoord laat zien dat het 15.000 nieuwe arbeidsplaatsen zal gaan opleveren. Het maakt het al met al een realistisch akkoord dat voor de bouwsector daadwerkelijk veel goeds zal opleveren.’

Foto: Maxime Verhagen is vanaf 1 juli 2013 voorzitter aan Bouwend Nederland. Voorheen was hij onder meer Tweede Kamerlid, minister van Buitenlandse Zaken, minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie en vicepremier (foto Anke Bot)

Tekst: Norbert Cuiper
Dit artikel is eerder gepubliceerd in Ensoc Magazine, zomer 2014

Redactie Ensoc, 24-mrt-16

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (3)

Reageren
  • P. Lomito
    30.03.2016 - 10:28 uur | P. Lomito

    Ventilatie met warmteterugwinning (balansventilatie/WTW-ventilatie/systeem D) is in de meeste woningen prima te installeren maar vergt wel enkele ingrepen als dak/geveldoorvoer, betonboringen en mogelijk enkele koven om de leidingen weg te werken. Verder neemt de ventilatie-unit met alle leidingen rondom het apparaat, geluidsdempers en eventuele zakkenfilterbox een flinke ruimte in beslag. Geen zaterdagmiddagklusje...

    Maar eenmaal geïnstalleerd kun je wel genieten van een tochtvrije en goed geventileerde woning met een besparing van zo'n 80% op de ventilatieverliezen.

  • Dick Meeldijk
    29.03.2016 - 18:49 uur | Dick Meeldijk

    Een goedkope isolatie is het aanbrengen van buisisolatie (om leidingen in onverwarmde ruimtes) en geeft een snelle terugverdientijd en ook een lage investering.
    Dubbelglas plaatsen kan zeker niet iedereen zelf, maar dakisolatie moet toch wel (samen met een handige buurman of zwager) aangebracht kunnen worden zonder aannemer.
    Vloerisolatie aanbrengen is misschien wel wat lastiger voor de minder handige huiseigenaar, net als spouwmuurisolatie, maar zeker wel nuttig.
    Heel duur hoeft dat nu ook weer niet te zijn en de terugverdientijd valt wel mee.
    Wees wel erg voorzichtig met het "luchtdicht" maken van een woning.
    Goede ventilatie is van levensbelang, want veel muren geven blijvend gevaarlijke stoffen af, wat misschien niet iedereen weet.
    Maak het huis vooral niet pot-dicht en ventileer dagelijks "kort maar krachtig".
    Nog beter is het natuurlijk om de warmte uit de ventilatielucht terug te winnen, maar dat kan alleen maar rendabel bij nieuwbouw.

  • P. Lomito
    28.03.2016 - 12:23 uur | P. Lomito

    Iedereen wil graag een boterham verdienen aan het energiezuinig maken van gebouwen/woningen maar de terugverdientijd van isolatiewerken verdubbeld bijna als je alles door aannemers laat uitvoeren. Voor particulieren is het veel interessanter om vloer- en dakisolatie zelf aan te brengen, met een beetje (gratis) hulp is dat voor de meeste mensen goed te doen. Daarnaast is het verbeteren van de luchtdichtheid van de woning ook eenvoudig door particulieren zelf uit te voeren.