​‘Nederland moet meer investeren in energie-innovatie’

22.09.2016 | Branchenieuws | 1010 keer bekeken
​‘Nederland moet meer investeren in energie-innovatie’

Nederland ligt achter met duurzame energie en is nog lange tijd afhankelijk van fossiele brandstoffen. ‘Om de energietransitie op gang te brengen moeten we meer investeren in energie-innovaties,’ meldt directeur Robert Kleiburg van ECN.

Tekst: Norbert Cuiper

Hij houdt van wielrennen, maar vind innovatie ook belangrijk. Dat meldt Robert Kleiburg lachend aan het begin van het gesprek, dat vooral gaat over de noodzaak van energie-innovatie. Dat hij over dit laatste serieus is, was eind mei te merken op Twitter, waar hij het bericht verwelkomde dat Nederland besloot om zich aan te sluiten bij Mission Innovation. Dit is een initiatief waarbij twintig belangrijke industrielanden ernaar streven om hun publieke investeringen in energie-innovatie voor 2020 te verdubbelen. Het initiatief werd gelanceerd bij de start van de klimaatconferentie in Parijs, maar Nederland zat er in het begin niet bij, tot frustratie van Kleiburg.

‘Energie-innovatie is heel belangrijk voor Nederland. Gelukkig heeft Nederland zich als eerste land na de klimaatconferentie in Parijs kandidaat gesteld om aan Mission Innovation deel te nemen. Dat werd begin juni gedaan tijdens het Europese voorzitterschap van Nederland. In San Francisco woonde Nederland twee bijeenkomsten bij, te weten de Clean Energy Ministerial en een bijeenkomst met ministers over Mission Innovation. ‘Ik verwacht dat Nederland formeel zal toetreden tijdens COP22, de klimaatconferentie in Marrakech,’ zegt Kleiburg.

Nederland scoort nu slecht met duurzame energie. We zijn in Europa het vieste jongetje van de klas.

‘Met 5,8% duurzame energie in 2015 bevinden we ons inderdaad nog steeds in de Europese achterhoede. De energietransitie is in Nederland de afgelopen decennia langzaam verlopen met name omdat het energiebeleid en dus het investeringsklimaat niet stabiel was. Bij Shell was ik nauw betrokken bij het eerste Nederlandse windpark Noordzeewind voor de kust van Egmond aan Zee. Dat windpark is in 2001 vergund, maar daarna zijn er maar een paar parken bijgekomen. Met het energieakkoord is echter een kentering op gang gekomen. Hierdoor heeft Nederland haar beleid gunstiger gemaakt om te investeren in duurzame energie. Zo pakt de tender voor windpark Borssele veel gunstiger uit dan verwacht. Het Deense DONG mag het windpark nu bouwen voor een subsidie van 8,7 eurocent per kWh inclusief netaansluiting. Dat is een ongekend laag bedrag. Dit is ook te danken aan het werk van beleidsmakers, dat zijn oorsprong vindt in het energieakkoord.’

Toch is het raar. Nederland kent al sinds 2011 de Topsector Energie. Kennelijk doen we iets niet goed.

‘Energie-innovatie is inderdaad al vijf jaar onderdeel van het topsectorenbeleid. Nederland heeft zich hierbij ten doel gesteld om in de internationale top 10 op gebied van cleantech te komen. Bij de Olympische Spelen viel Nederland dit jaar net buiten de top 10. Met energie-innovatie kunnen we wel in de top 10 komen. Om deze doelstelling ook voor energie te bereiken moet er echter nog veel gebeuren. De samenleving investeert jaarlijks vele miljarden in de uitrol van duurzame energie, in 'bewezen technologie'. Investeringen in energie-innovatie, waar we voor onze toekomst van afhankelijk zijn, liggen een factor 50 lager (181 miljoen euro). Die verhouding is volkomen scheef. We moeten die onbalans herstellen.’

Wordt dit beter als Nederland gaat meedoen met Mission Innovation?

‘Ja, dat denk ik zeker. Met de deelname aan Mission Innovation verplicht Nederland zich om de middelen voor energie-innovatie te verdubbelen. Daarmee kunnen we ook onze doelstellingen voor duurzame energie en energiebesparing halen en de werkgelegenheid stimuleren. Dat gaat verder dan alleen de Nederlandse markt, want we zullen onze innovaties ook gaan exporteren. De mondiale markt voor energietechnologie bedroeg in 2015 al 329 miljard dollar en zal verder toenemen tot zo’n duizend miljard. Er ligt een grote kans voor Nederland om hiervan een graantje mee te pikken.’

Moeten we ons met innovatie richten op bepaalde sectoren?

‘Ja, succes vereist ook focus. Nederland is van oudsher bedreven in de offshore sector en in de natte waterbouwkunde. Kijk maar naar de bouw van de Deltawerken en de gaswinning op de Noordzee. Die expertise biedt een uitgelezen kans om succesvol te zijn in offshore wind. Ook beschikken we met bedrijven zoals ASML en Philips over expertise met hightech systemen op basis van halfgeleidermaterialen. Deze expertise wordt ook toegepast bij de apparatenbouw om zonnepanelen te kunnen produceren. Daarnaast hebben we veel industrie, zoals in Europoort, Eemshaven en bij Geleen. Dat biedt een groot potentieel voor energiebesparing.’

Stimuleert Nederland energie-innovatie op de juiste wijze, of moet dit anders?

‘Nederland stelt nu elk jaar het budget en het programma voor energieonderzoek vast. Ik zie liever dat we hiervoor een groot deel uitvoering aan geven via meerjarige programma’s, in plaats dat we elk jaar opnieuw voorstellen moeten indienen voor tenderregelingen. Dat kan ook goed vanuit de Roadmaps voor zon, wind op zee, biomassa, etc. die in de Topconsortia voor Kennis en Innovatie (TKI’s) worden gemaakt. Via deze meerjarige programma’s werken we met meerdere stakeholders doelgerichter aan innovaties die ook aansluiten met fundamenteel onderzoek.’

‘Een goed voorbeeld van zo’n meerjarig onderzoeksprogramma is het GROW-programma voor offshore windenergie waar zo’n 20 bedrijven samen gaan werken om de kosten van wind op zee nog verder te verlagen. We doen er goed aan om meer van deze meerjarige innovatieprogramma’s te ontwikkelen. Dat doen we door te polderen en samen te werken met diverse instituten, waar Nederland goed in is. Dit kan ook binnen het topsectorenbeleid gebeuren. We moeten dit zo goed mogelijk doen zodat onze innovaties bijdragen aan de energietransitie.’

Foto: Robert Kleiburg werkte vanaf 1989 tot 2011 bij Shell, waar hij zich bezig hield met klimaatverandering, strategie en planning van de duurzame energie- en waterstofdivisie en de handel in aardgas en elektriciteit. Vanaf juni 2011 is hij chief operating officer van het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN), dat onderzoek doet naar wind, zon, biomassa, energiebesparing, milieutechnologie en beleidsadvisering. In zijn huidige functie is Kleiburg verantwoordelijk voor alle activiteiten van ECN op het gebied van duurzame energie.

Meer lezen?
Het volledige interview met Robert Kleiburg staat in Ensoc Magazine, dat begin oktober verschijnt met een themanummer over innovatie. Gedrukte exemplaren worden verspreid op de vakbeurs Energie, van 4 t/m 6 oktober 2016 in de Brabanthallen. Een gratis proefabonnement is aan te vragen via
https://www.ensoc.nl/proefabonnement

Redactie Ensoc, 21-sep-16

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (2)

Reageren
  • 27.09.2016 - 10:17 uur | David E. Dirkse

    Het ECN bevindt zich op glad ijs. Het doet namelijk uitspraken die je eerder van de Paus verwacht dan van een wetenschappelijke instelling.
    Geen land kan draaien op energie van wind en zon.
    Meneer Kleiburg: u liegt en bedriegt. Dat gaat zich eerdaags tegen u keren. Bovendien haalt u de wetenschap door het slijk.
    Elke middelbare scholier kan op een A4 'tje voorrekenen dat een land met wind- en zonne-energie zelfmoord pleegt.

  • P. Lomito
    22.09.2016 - 11:14 uur | P. Lomito

    Dit is weer zo'n "Nederland moet..."-artikel, waarna er iemand aan de SDE+ subsidiepot gaat zitten rammelen om te kijken of die reeds riante geldstroom nog iets rianter kan worden dan die al is. Alles onder het mom van duurzaamheid (lekker verwaterd begrip is dat geworden) en het redden van het klimaat (morele gelijk) waar er helemaal niets te redden valt.

    ECN zou eens met de TU Delft moeten gaan praten om te kijken hoe Nederland binnen 10 jaar over een operationele kerncentrale nieuwe generatie beschikbaar komt. Want wat wel gered moet worden is de beschikking over goedkope, betrouwbare en overvloedig beschikbare energie. Fossiel gaat op termijn schaarser worden en de huidige energietransitie met windmolens en biogas biedt geen toekomstperspectief wegens duur, onbetrouwbaar en allen beschikbaar als het weer mee zit.