Industrie bespaart vooral energie om financieel voordeel

28.10.2015 | Branchenieuws | 878 keer bekeken
Industrie bespaart vooral energie om financieel voordeel

Als industriële bedrijven investeren in energiebesparing doen ze dat voornamelijk omdat het direct financieel voordeel oplevert. Energie besparen omdat het moet is geen prioriteit. Dat blijkt uit interviews van ECN met zeven bedrijven uit diverse sectoren.

Hoe nemen bedrijven hun beslissingen over energiebesparing? Om dat te weten te komen gingen onderzoekers van ECN in gesprek met zeven bedrijven uit de chemie, de rubber- en kunststofindustrie en de asfaltindustrie. Ze ondervroegen een energiecoördinator, site manager, R&D manager, technical manager, managing director en operations director om inzicht te krijgen in het gedrag van bedrijven met energiebesparing. Ook wilden ze hiermee meer helderheid scheppen in de motieven en de kaders waardoor bedrijven zich laten beïnvloeden bij hun keuzes. Een deel van de resultaten is samengevat in de Nationale Energieverkenning 2015, die onlangs is gepubliceerd.

MJA3
Van de zeven bezochte bedrijven deden er zes mee met de Meerjarenafspraak voor energiebesparing (MJA3). Hoewel een onderzoek bestaande uit zeven interviews beperkt representatief is kunnen er geen sterke conclusies aan worden verbonden. Toch komt uit de gesprekken een redelijk eenstemmig beeld naar boven bij de ondervraagde bedrijven over gedrag ten aanzien van energiebesparing. Een direct (financieel) belang is de belangrijkste drijfveer voor energiebesparing. Externe prikkels vanuit beleid en klantwensen zijn zwak en raken niet direct het bedrijfsbelang. De uitvoering van energiebesparende maatregelen hangt vooral af van de expertise en het enthousiasme van ‘koplopers’ binnen een bedrijf en ondersteuning daarbij vanuit management en directie.

Prioriteit
Bij de meeste bezochte bedrijven is de energierekening zo substantieel dat het loont om op het energiegebruik te letten. Toch is energiebesparing vaak geen prioriteit bij asset management en resource planning. Het doel van 2 procent energiebesparing per jaar wordt in de meeste gevallen niet doorvertaald naar een doelstelling op projectniveau, zoals aanschaf van nieuwe apparatuur. Ook worden in projecten geen resources aan energiebesparing toegekend: ‘Energie is helaas niet zo duur’, meldt een bedrijf. Energiebesparing is eerder een bijvangst van projecten die om een andere reden uitgevoerd worden zoals het uitbreiden van productie, verhogen van logistieke efficiëntie of het reduceren van grondstoffen- en materiaalverbruik. Leidende motieven zijn meestal het verlagen van kosten en het verhogen van veiligheid, kwaliteit en betrouwbaarheid, schrijft ECN in het rapport.

Lange adem
De meeste energiebesparende maatregelen zijn geen ingrepen in de productieprocessen zelf. Als dat wel zo is, vergt dat een lange adem van de energiecoördinator. Die moet over veel kennis beschikken om zijn collega’s bij de productie zover te krijgen dat ze energiebesparende maatregelen nemen. Bij continue processen kan ingrijpen alleen tijdens een productiestop. Het zou ook kunnen bij het verhuizen van productie naar een andere locatie of de bouw van een nieuwe fabriek, maar dergelijke grote veranderingen vormen voor bedrijven niet altijd een aanleiding om verder te gaan dan het aanschaffen van nieuwe, reeds energiezuiniger machines. Vaak wordt dus niet het onderste uit de kan gehaald; eerder gebeurt er weinig, omdat alle aandacht uitgaat naar de verhuizing.

Verplichtingen
Bedrijven doen vooral aan energiebesparing om kosten terug te dringen, maar kijken ook naar wat zij verplicht zijn te doen. Verplichtingen lijken echter in de praktijk niet heel sterk ervaren te worden. Dat komt waarschijnlijk doordat het bedrijven zijn die op koers liggen om de MJA-doelstelling te halen, of die niet aan de MJA meedoen, zoals voor één bedrijf gold. Naast kostenbesparing en voldoen aan verplichtingen (compliance) volgt op afstand als derde reden het verwijzen in klantrelaties naar duurzaamheidseisen zoals ISO certificeringen. ISO lijkt bedrijven te stimuleren zichzelf aan doelen voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) te committeren.

Terugverdientijd
Acceptabele terugverdientijden variëren sterk per type bedrijf en het productieproces, meldt ECN. De terugverdientijden hangen onder meer af van het beschikbare investeringsbudget en toekomstverwachtingen van het bedrijf of van het bedrijfsonderdeel. Over het algemeen liggen de terugverdientijden rond 1-2 tot maximaal 3 jaar en slechts bij uitzondering rond de 5 jaar. Eén bedrijf gaf aan dat de acceptabele terugverdientijd onder meer afhangt van de levensduur van de geïnstalleerde apparatuur, zoals led-verlichting, en de gemiddelde terugverdientijd over de projecten heen. Door op deze manier te rekenen accepteert een bedrijf voor sommige projecten terugverdientijden van 5 tot 6 jaar; voor het led-verlichtingsproject bedroeg dat zelfs 7 jaar.

Subsidies
Bedrijven die willen investeren in energiebesparing kunnen een beroep doen op diverse financiële regelingen, waaronder de Energie Investeringsaftrek (EIA), de Milieu Investeringsaftrek (MIA), en de Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Deze subsidies verkorten de terugverdientijd van energiebesparende maatregelen. Toch maken slechts weinig bedrijven op deze manier gebruik van een regeling. De meeste bedrijven vinden subsidies wel handig, maar zeggen dat ze hier pas naar kijken als de investeringsbeslissing al is genomen. Een minderheid noemde subsidies onbelangrijk of zelfs onwenselijk. Eén bedrijf vindt dat niet subsidies de manier zijn om energiebesparing te realiseren, maar strenger toezicht op het werkelijke energieverbruik.

Foto: Chemieconcern Akzo Nobel probeert haar energie-efficiency jaarlijks te verhogen (foto Rotterdam Watertalent)

Redactie Ensoc, 27-okt-15

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (1)

Reageren
  • P. Lomito
    28.10.2015 - 17:26 uur | P. Lomito

    Logisch, ik doe aan energiebesparing om de eerste plaats om comfortwinst en op de tweede plaats omdat ik geen sponsor wil zijn van energiebedrijf en overheid. En daar is nu het Energieakkoord bijgekomen waarin ongewenste en onrendabele maatregelen getroffen gaan worden die veel overlast, schade en financiële armoede veroorzaken. Dat mijn inspanningen voor minimaal energieverbruik ook gunstig zijn voor het milieu is mooi meegenomen, dat ik er ook minder CO2 door produceert zal me echt aan m'n achterste oxideren. En voor gezonde (niet gesubsidieerde) bedrijven zal dat niet veel anders zijn.