​Gros ziet energietransitie als ver-van-mijn-bed show

03.01.2017 | Branchenieuws | 1098 keer bekeken
​Gros ziet energietransitie als ver-van-mijn-bed show

De energietransitie zien de meeste Nederlanders als een ver-van-mijn-bed show. Het gros vindt dat de overheid energiebesparing vooral bij bedrijven moet afdwingen.

Dat blijkt uit een vierjaarlijks onderzoek naar burgerperspectieven van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Het SCP peilde met een enquête de stemming in Nederland en opvattingen over politieke en maatschappelijke kwesties. Ze vroeg afgelopen kwartaal ook naar meningen over de energietransitie, oftewel het terugdringen van het gebruik van fossiele brandstoffen. De enquête vond plaats voordat minister Kamp van Economische Zaken zijn Energieagenda publiceerde.

Geen urgent probleem
De meeste Nederlanders zien de energietransitie niet als een urgent probleem. Slechts 2 procent van de bevolking noemt spontaan woorden als ‘klimaat’, ‘(groene) energie’ of ‘duurzaam’ als gevraagd wordt naar de grootste maatschappelijke problemen. De meeste Nederlandse burgers vinden zorg, werk, armoedebestrijding en onderwijs belangrijker. Ze maken zich meer zorgen over immigratie en de manier van samenleven.

Energietransitie onvermijdelijk
Wel is ongeveer de helft van de bevolking het eens met de stelling dat Nederland sneller dan nu het gebruik van fossiele brandstoffen moet verminderen. Men denkt dat deze energietransitie onvermijdelijk is, omdat fossiele brandstoffen opraken en om de afhankelijkheid van onbetrouwbare landen te vermijden. Burgers koppelen de noodzaak voor de energietransitie niet direct aan de opwarming van de aarde. Dat is een opmerkelijke boodschap aan beleidsmakers.

Invloed op klimaat
Wel vindt 41 procent van de geënquêteerden dat overtuigend is aangetoond dat het gebruik van fossiele brandstoffen grote invloed heeft op het klimaat. 19 procent is het daarmee oneens; 14 procent zegt het niet te weten. SCP wijt het percentage ontkenners en twijfelaars aan een gebrek van vertrouwen in instanties die informatie verspreiden over energie en klimaat. Slechts 3 procent heeft veel vertrouwen in de informatie van de overheid en energieleveranciers.

Vertrouwen in kennis
Zelfs in wetenschappelijke onderzoeksinstellingen heeft slechts een minderheid van 22 procent veel vertrouwen als het gaat om informatie over duurzame energie en de energietransitie. ‘Zolang wetenschappers en andere instanties rondom dit thema geen onbetwist vertrouwen genieten bij een ruime meerderheid van de bevolking zal de urgentie voor de energietransitie deels betwist blijven,’ zo waarschuwt het SCP. Klimaatsceptici voelen zich wellicht gesteund door uitspraken van Donald Trump, aldus het SCP.

Liever zon dan wind
Zonne-energie is veel populairder dan windenergie. Relatief veel respondenten merken op dat ze zonne-energie verkiezen boven windenergie. Mensen associëren windenergie met geluidsoverlast en horizonvervuiling en enkelingen betwijfelen of windenergie rendabel is. Vooral windmolens op land moeten het ontgelden. Bewoners in Amsterdam vrezen geluidsoverlast en landschapsvervuiling en vinden dat windmolens in dunbevolkte gebieden of op zee moeten worden geplaatst.

Gezamenlijke taak
Circa de helft (53%) van de bevolking vindt dat de energietransitie vooral een gezamenlijke uitdaging is van bedrijven, burgers en overheid. Een minderheid van 15 procent vindt dat de overheid energiebesparing en verduurzaming moet afdwingen met extra regelgeving en belastingmaatregelen. De steun voor hard en dwingend overheidsoptreden is bij hogeropgeleiden groter dan bij lageropgeleiden. Van de laatste groep kan een op de drie geen keuze doen tussen de standpunten.

Overheidsdwang
Bij dwingende overheidsmaatregelen denken respondenten vooral aan maatregelen die individuele burgers treffen. Dit verklaart mogelijk de forse aversie tegen dit soort maatregelen, meldt het SCP. In het algemeen vindt men dat individuen minder snel vanuit de overheid moeten worden gedwongen tot milieuvriendelijk gedrag. Ongeveer een op de drie Nederlanders vindt dat mensen dit zelf moeten beslissen. Deze mening is vooral afkomstig van ouderen, laagopgeleiden en ‘rechtse’ mensen.

Focus op bedrijven
Overheidsdwang bij bedrijven krijgt meer steun. Ongeveer driekwart (76%) vindt overheidsdwang een goede zaak bij bedrijven, terwijl ongeveer de helft (54%) dat gepast vindt bij individuen. Het SCP verklaart dit als volgt: voor sommigen steken het eigen gebruik en energiebesparingen via lokale initiatieven onbeduidend af tegen het energiegebruik van grote bedrijven. Daar vallen de grote besparingen te boeken en moet de overheid haar macht inzetten, zo is de gedachte.

Rapport
Download het SCP-rapport ‘Continue Onderzoek Burgerperspectieven 2016/4’.

Foto: Omwonenden die minder dan 5 kilometer van windmolens wonen zijn bovengemiddeld positief over het stimuleren van duurzame energie, blijkt uit onderzoek van Motivaction (foto Paul Langrock / Greenpeace)

Redactie Ensoc, 3-jan-17

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (2)

Reageren
  • 11.01.2017 - 09:03 uur | bas pulle

    Er is amper een stimulans is om energie te besparen. Energie is goedkoper geworden; men gelooft niet dat het nodig is.
    Als slecht voorbeeld geldt dat de meeste winkeldeuren gewoon open staan als het vriest. Het personeel moet kou lijden.
    Als elke winkel zijn deuren zelfsluitend zou maken dan is er geen z.g.n concurrentievoordeel om je deur open te houden.

  • P. Lomito
    03.01.2017 - 13:31 uur | P. Lomito

    Enkele belangrijke vragen zijn niet gesteld:
    - hoeveel geld denkt u dat er jaarlijks besteed wordt aan de energietransitie?
    - hoeveel geld bent u bereid jaarlijks af te dragen aan de energietransitie?
    - heeft u enig idee hoe de energietransitie nu gefinancierd wordt?
    Uiteraard zijn die vragen niet gesteld want naast het feit dat de energietransitie de meeste burgers compleet koud laat is het animo om een flink deel van het besteedbare inkomen in te leveren aan de energietransitie vrij afwezig.