Gemeenten negeren energetisch interessante gebouwen

05.11.2014 | Branchenieuws | 933 keer bekeken
Gemeenten negeren energetisch interessante gebouwen

Nederlandse gemeenten leggen bij de handhaving van de Wet Milieubeheer niet de prioriteit bij horeca en bedrijfshallen, terwijl deze gebouwtypen wel veel energie gebruiken. Dat meldt onderzoeker Jeffrey Sipma van ECN in een artikel in het vakblad Real Estate Research Quaterly.

Energiebesparing in utiliteitsgebouwen (alle gebouwen die geen woning zijn) is voor de Rijksoverheid een beleidsprioriteit. Volgens Sipma blijkt dat uit het nationale energieakkoord dat overheid, bedrijfsleven en milieuorganisaties vorig jaar sloten. Hierin staat dat utiliteitsgebouwen zoals kantoren, ziekenhuizen en winkels veel energie kunnen besparen.

Potentieel
Probleem bij het bepalen van het besparingspotentieel is dat er nog geen goed inzicht bestaat in de totale voorraad utiliteitsgebouwen en het energieverbruik per gebouwtype. ‘Zoveel als we weten over de woningvoorraad, zo weinig weten we over de utiliteitsbouw,’ schrijft Sipma aan het begin van zijn artikel, getiteld ‘Energieverbruik in de utiliteitssector’.

Inschatting
Sipma heeft in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK) een eerste inschatting gemaakt van het oppervlak en het gas- en elektriciteitsverbruik per gebouwtype door diverse cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) slim met elkaar te combineren. Uit zijn analyse volgt dat in Nederland ruim 450.000 utiliteitsgebouwen bestaan, waarvan ruim 90% in de dienstensector.

Datacenter
‘Er is een zeer grote verscheidenheid aan typen utiliteitsgebouwen. Dit loopt uiteen van een bloemist tot een industriële productiehal,’ illustreert Sipma. Hij onderscheidt gebouwtypen die ‘energetisch interessant’ zijn, dat wil zeggen gebouwen met een relatief hoog energieverbruik zoals een datacenter of gebouwen waarvan een specifiek type  relatief veel energie gebruikt, zoals eet- en drinkgelegenheden binnen de horeca.

Grootste aandeel
Kantoren, bedrijfshallen en horeca zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het grootste aandeel van het energieverbruik binnen de dienstensector. Samen gebruiken ze 47 procent van het gas en 63 procent van de elektriciteit. ‘Interessant is dat bij de handhaving van de Wet milieubeheer vaak niet de prioriteit wordt gelegd bij horeca en/of bedrijfshallen, terwijl deze juist zo dominant aanwezig zijn qua voorraad en qua verbruik’, aldus Sipma.

Top 5
Winkels zonder koeling en groepspraktijken komen ook in de top 5 terecht voor het energieverbruik, voornamelijk vanwege het relatief grote aantal gebouwen in deze sectoren. In totaal verbruiken alle gebouwen binnen de dienstensector jaarlijks 181 petaJoule (PJ) aan gas en 128 PJ aan elektriciteit. Ter vergelijking: alle huishoudens in Nederland verbruiken bij elkaar ongeveer 340 PJ aan gas en 83 PJ aan elektriciteit.

Redactie Ensoc, 5-nov-14

Foto: terrasverwarmer (bron: Wikipedia)

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (0)

Reageren