Energiereuzen leunen nog steeds op grijze stroom

18.10.2016 | Branchenieuws | 1001 keer bekeken
Energiereuzen leunen nog steeds op grijze stroom

De grootste energiebedrijven leunen nog steeds vooral op fossiele bronnen met het leveren van elektriciteit. Dat blijkt uit de jaarlijkse ranglijst voor groene stroom van de Consumentenbond, Natuur & Milieu, Greenpeace en WISE.

Van de vijf grootste energieleveranciers die in Nederland actief zijn scoort alleen Eneco een voldoende. De overige vier (Nuon, Essent, Delta en E.On) zitten onder de maat met groene stroom. Dat meldt WISE Nederland met Greenpeace, de Consumentenbond en Natuur&Milieu. Essent is het meest vervuilend en sluit de ranglijst met een 3. De vijf grootste bedrijven hebben samen een marktaandeel van 80 procent. De organisaties adviseren bewuste consumenten om over te stappen naar één van de hoog scorende bedrijven uit de ranglijst, zoals DE Unie, Pure Energie en Qurrent.

Fossiele meerderheid
Van alle onderzochte stroomleveranciers scoort tweederde onder de zes. Deze bedrijven dragen niet bij aan de verduurzaming van de Nederlandse energiemarkt, of werken deze zelfs tegen. Ze investeren relatief weinig in duurzame energie en kopen vooral grijze stroom in tegen bodemprijzen. Ook houden ze hun oude, vaak vervuilende, centrales zo lang mogelijk in bedrijf. Daardoor draaien ze nog voor een groot deel op niet-duurzame bronnen als kolen, gas of kernenergie.

Trend: trage vergroening
Ten opzichte van vorig jaar is de gemiddelde score van alle leveranciers tezamen wel licht gestegen: van een 5,4 naar een 5,6. Vooral kleinere, nieuwe spelers scoren hoog: DE Unie, Pure Energie en Qurrent halen allemaal een tien. De markt als geheel vergroent echter te traag om de klimaatafspraken te halen die Nederland in Parijs heeft gemaakt. Daarvoor zullen ook de andere leveranciers versneld moeten overschakelen naar meer groene stroom, bijvoorbeeld uit wind en zon.

Ranglijst_groenestroom_bron=Wise.png
Ranglijst van alle 34 onderzochte energieleveranciers in Nederland

Nederland viezer dan buitenland
Met name de grote energiebedrijven opereren ook internationaal. Opmerkelijk is dat hun buitenlandse stroomproductie vaak sneller verduurzaamt dan die in Nederland. Zo zijn in Nederland recent nog nieuwe kolencentrales in gebruik genomen, dankzij coulant overheidsbeleid. Dit zorgt voor de paradoxale situatie dat de totale stroomproductie van deze bedrijven wel iets duurzamer is geworden, maar de CO2-uitstoot in Nederland het afgelopen jaar is gestegen.

Bewust kiezen
De stroomranglijst werd dit jaar voor de vijfde keer uitgevoerd. De maatschappelijke organisaties die het onderzoek uitvoeren, de Consumentenbond, Natuur & Milieu, Greenpeace en Wise, willen met de resultaten inzicht bieden in de energiemarkt. Daarmee kunnen consumenten goed geïnformeerd kiezen voor een echt duurzame energieleverancier. De organisaties adviseren bewuste consumenten dan ook om over te stappen naar één van de hoog scorende bedrijven uit de ranking.

Rapport
Dowload het rapport ‘Onderzoek duurzaamheid Nederlandse stroomleveranciers’.

Foto: Consumenten hebben meer keuze in stroomleveranciers. Ze kunnen kiezen voor grijze stroom of groene stroom (foto overstappenvanenergie.nl)

Redactie Ensoc, 18-okt-16

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (5)

Reageren
  • 25.10.2016 - 23:12 uur | Carel Anink

    Jos, Die koppeling is er feitelijk niet en als die wel zou zijn is het een dubbeltelling. Van de GVO’s kwam in 2015 70 % uit het buitenland. De CO2 emissie reductie is in het land van herkomst van de GVO’s al geteld. Deze reductie hier weer meerekenen is een dubbeltelling.

    De 30 % van de GVO’s die in Nederland geproduceerd zijn leveren ook geen reductie. Dat komt doordat de hernieuwbare elektriciteit, van bijvoorbeeld een windmolen, het net op gaat en dan door CertiQ wordt geteld. Deze telling wordt doorgegeven aan het CBS en die maakt een overzicht met deze gegevens. Tevens geeft CertiQ een (onzin) GVO aan de molenaar. Een leverancier die dat GVO voor een habbekrats koopt van die molenaar en daarmee kolen-, atoom- of gasstroom vergroend doet niets aan de CO2 emissie. Als die GVO niet had bestaan zou er net zoveel hernieuwbare stroom op het net worden gezet. Dat komt doordat wind- zon- en waterkrachtenergie geen brandstofkosten hebben en daardoor altijd goedkoper aanbieden dan een producent die een brandstof gedreven installatie heeft.

    Sterker nog, die producent koopt de elektriciteit van de windmolen als het hard waait. De leveranciers hebben voor hun leveringszekerheid elektriciteit ingekocht bij producenten. En de enige producenten die gegarandeerd kunnen leveren zijn de producenten met energie op voorraad en dat is brandstof. De positie van de leveranciers is dan afgedekt. Zij hebben de elektriciteit die zij moeten leveren ingekocht. Dus als er dan meer elektriciteit komt doordat het hard waait kan die leverancier er niets meer mee. De enige die die elektriciteit af kan nemen is de producent die brandstof gebruikt. Die moet leveren, aan de leverancier, maar hoeft niet zelf te produceren als hij de elektriciteit elders kan betrekken. En dat kan als het hard waait en de windmolenaar van zijn stroom af moet. Dat daalt de prijs tot onder de productkosten van de producent en zet deze zijn installatie uit en koopt de elektriciteit van de windmolenaar die hij vervolgens levert aan de leverancier.

    Conclusie, GVO’s om stroom te vergroenen/verduurzamen dragen niet bij aan het verduurzamen van de Nederlandse elektriciteitsvoorziening. Om met de woorden van Freek de Jonge te spreken “Het is onzin met een verlengsnoer”.

  • Jos Klomp
    25.10.2016 - 09:39 uur | Jos Klomp

    Carel, Ik ben het helemaal eens met jouw zienswijze.
    Zoals Clinton ooit tegen Bush zei: it's the economy, stupid!
    Moeten we over de GVO eigenlijk zeggen: Het gaat om de CO2-emissiereductie (decarbonistaie)

    Wat ik echt niet snap is de automatische koppeling dat GvO's volautomatisch een bijdrage leveren aan het reduceren van CO2 uitstoot.
    Dat wordt op een GvO nergens vastgelegd noch verlangd dat dit is komen vast te staan.

  • 18.10.2016 - 21:14 uur | Carel Anink

    Partijen die beweren groene, duurzame of hernieuwde elektrische energie te leveren, vertellen een verhaal. Om dat verhaal te plaatsen is naar mijn inzicht onderstaande informatie onontbeerlijk.

    De vraag naar groene stroom was in 2015 43 miljard kWh, er kwam 13 mld. kWh uit Nederlandse productie en 34 mld. kWh uit het buitenland (bron CBS). De groene stroom die teveel kwam werd bewaard voor 2016. Voor de duidelijkheid, dit is dus geen elektrische stroom maar dit zijn GvO’s waar elektrische stroom mee vergroend, verduurzaamd of hernieuwd wordt ongeacht waar die elektrische stroom vandaan komt.
    Dit betekend dat er 43-13= 30 mld. kWh groene stroom meer verkocht is dan er in Nederland is geproduceerd.

    In het verslag van het CBS staat ook te lezen dat de meeste geïmporteerde GvO’s uit Noorwegen kwamen (26 %), Zweden en Frankrijk doen ook goed mee met respectievelijk 19% en 16%. De bron van deze informatie is volgens het CBS CertiQ, en wie kan het beter weten dan CertiQ. De import van GvO’s staat los van de fysieke import van elektrische stroom. Daardoor was het mogelijk dat de totale import van GvO’s in 2013 groter kon zijn dan de fysieke import van elektrische stroom. Er kunnen ook GVO’s uit IJsland geïmporteerd worden terwijl de fysieke elektrische stroom nooit de kust van Nederland zal kunnen bereiken.

    Conclusie: Groene stroom handel en het verduurzamen van het Nederlandse productiepark hebben niets met elkaar te maken. De indruk wekken dat kopers van groene stroom de wereld verbeteren is pure misleiding. Lees het sprookje ‘De kleren van de keizer’.

  • P. Lomito
    18.10.2016 - 19:18 uur | P. Lomito

    Uiteraard leunen de grootste energiebedrijven op fossiele energie, dat is de enige energievorm die betrouwbaar en relatief goedkoop ingezet kan worden voor stroomproductie. In dit artikel wordt ten onrechte de suggestie gewekt dat energiebedrijven zonder die fossiele centrales zouden kunnen. Zouden we ze nu uitschakelen dan zit héél Nederland direct zonder stroom. De werkelijkheid is dat er nog geen volwaardig alternatief is voor gas en kolen en dat we het voorlopig de komende 100-200 jaar nog moeten doen met fossiele brandstoffen.

    Met het Energieakkoord is voor de noodzakelijke energietransitie een verkeerde afslag genomen, en pad dat leidt naar economische teloorgang en schuldencrisis. Over 15 jaar is de subsidieregeling van het EA uitgewerkt en zal men niet meer investeren in windmolens en accu-opslag. We zijn dan gewoon 100 miljard euro armer / schuldenrijker zonder enig maatschappelijk nut of meetbaar klimaateffect. Zonde van de kostbare tijd en geld maar dat is de prijs die we moeten betalen voor onze incompetente bestuurders.

  • 18.10.2016 - 17:09 uur | Carel Anink

    Groene stroom veroorzaakt een toename van de CO2 uitstoot.

    Duurzame energie wordt geproduceerd omdat de overheid subsidie verstrekt die het aantrekkelijk maakt. De toename van duurzame energieproductie ontstaat alleen doordat er subsidie beschikbaar komt. De subsidie wordt betaald aan producenten van duurzame elektriciteit voor elke kilowattuur (kWh) die zij produceren. Bijvoorbeeld: De huidige windmolens die in Nederland staan zijn voor een deel gesubsidieerd met de zogenaamde MEP subsidie. De windmolenaar met MEP subsidie kreeg gedurende 10 jaar 7,8 Eurocent per kWh aan subsidie. Dat was voor een molen van één MW (1000 kW) in die tien jaar 1,4 miljoen Euro. Bij aanschaf koste die molen ca. 1.1 miljoen Euro. Zonder die subsidie was er nooit een windmolen geweest.

    De zogenaamde groene stroom wordt groen gemaakt met Garanties Van Oorsprong (GVO) van duurzaam opgewekte elektriciteit. Dit is ongeacht waar die elektriciteit vandaan komt. Dus als er elektriciteit van een kolencentrale wordt gekocht en GVO’s van een windmolen, dan wordt de kolenstroom groene stroom. De prijs voor een GVO van windenergie ligt momenteel tussen 0,2 en 0,3 Eurocent per kWh en die van biomassa-energie ligt tussen de 0,08 en 0,13 Eurocent per kWh. Deze vergoedingen zijn verre van voldoende om de onrendabele top van duurzame productiemiddelen te dekken. Daardoor zal de GVO handel niet leiden tot een toename van duurzame elektriciteitsproductie.

    Uit het voorgaande kunnen we opmaken dat de groene stroom eigenlijk van alle Nederlanders is omdat die er gezamenlijk via de belasting voor hebben betaald. Degene die zegt groene stroom te verkopen maakt Nederland daarmee niet groener. Is dat erg? Je zou in eerste instantie zeggen dat het geen nut heeft maar ook niet schadelijk is. Echter, als ik een buurtbewoner vraag waarom hij de hele nacht zijn tuinverlichting laat branden, dan zegt hij “Ik vind het mooi en het maakt voor het milieu niets uit, want ik heb groene stroom”. Met andere woorden daar waar groene stroom het excuus is om te verspillen is groene stroom er de oorzaak van dat de CO2 uitstoot toeneemt en Nederland minder groen wordt. Stoppen dus met het fabeltje dat je groene stroom verkoopt, het is het paard achter de wagen.