​‘Energielabel doet huiseigenaren weinig’

23.11.2016 | Branchenieuws | 1006 keer bekeken
​‘Energielabel doet huiseigenaren weinig’

Het energielabel voor woningen heeft in Nederland nauwelijks effect. Het spoort weinig huiseigenaren aan tot energiebesparing en heeft slechts geringe invloed op het besluit om een woning te kopen.

Dat blijkt uit onderzoek van de Ierse wetenschapster Lorraine Murphy, die op het onderzoek onlangs promoveerde aan de faculteit Bouwkunde van de TU Delft. Volgens haar zijn de maatregelen die Nederland gebruikt om de bestaande woningvoorraad te verduurzamen nauwelijks effectief. Als we onze klimaatdoelstellingen willen halen, moeten we slimmere beleidsinstrumenten ontwikkelen, stelt de Delftse promovendus.

Enquête
Murphy hield een online enquête onder ruim vijfduizend particuliere huiseigenaren. Slechts 30 procent van de betrokkenen doet iets met maatwerkadviezen die ze bij het energielabel ontvangen, zo blijkt uit het onderzoek van Murphy. Ze hield alle beleidsinstrumenten tegen het licht die Nederland in 2011 en 2012 gebruikte om de energieprestatie van bestaande koopwoningen te verbeteren. In grote lijnen zijn die vandaag nog in werking in dezelfde of licht gewijzigde vorm.

Beter begrip
Murphy pleit voor verduurzamingsmaatregelen met een verfijnder karakter, gebaseerd op een beter begrip van huiseigenaren. “De nadruk ligt nu teveel op terugverdientijd. Huiseigenaren zijn veel genuanceerder in hun investeringsbeslissing dan de beleidsinstrumenten doen vermoeden.” Wooncomfort, woningwaarde, geluidsreductie en interesse in nieuwe technologieën zijn andere factoren die een rol spelen.
 
Kloof ambities en praktijk
Het promotieonderzoek laat een pijnlijke kloof zien tussen de hoge ambities en de praktijk van het klimaatbeleid. Nederland wil in 2020 20 procent minder broeikasgassen uitstoten en 14 procent meer hernieuwbare energie gebruiken. Aan die ambities moet verduurzaming van de bestaande woningvoorraad een flinke bijdrage leveren. Maar met de realisatie daarvan wil het nog niet erg vlotten, zo concludeert Murphy.

Energielabel
De invoering van het energielabel bij woningen is een voorbeeld van een maatregel die doelstellingen per individuele woning helder moet maken. In de praktijk heeft het bar weinig direct effect, zeker in de jaren 2011 en 2012, de periode die Murphy onderzocht. In deze jaren ontbrak een systeem van handhaving. Veel bewoners zien de waarde van energie-efficiëntie in, maar om uiteenlopende redenen handelen ze daar vaak niet naar. Wat huiseigenaren wel of niet doen met de informatie die ze ontvangen vereist volgens Murphy nader onderzoek. Dat een hoog energieverbruik geld kost, kunnen huiseigenaren moeilijk terugzien.

Extra stimulans ontbreekt
Nederland kent ook geen systeem als momenteel in het Verenigd Koningrijk wordt onderzocht, waarbij woningen met een label F of G extra worden belast. Daarmee ontbreekt een aanvullende stimulans om de eigen woning aan te pakken. Het energielabel blijkt ook nauwelijks van invloed op de aankoopbeslissing van een woning.  Slechts 10 procent geeft aan dat dit een rol heeft gespeeld. Het energielabel stimuleerde slechts 22 procent van de ondervraagden om energiebesparende maatregelen te nemen na de aankoop.
 
Meer met minder
Murphy viel het op dat bij de meeste van de onderzochte voorlichtingscampagnes, subsidies, energiebelastingen en energieleningen is dat er stomweg vanuit wordt gegaan dat ze effectief zullen zijn. Veel instrumenten bevatten aannames over de doelgroep die nooit formeel zijn bewezen of ontkracht. Een positieve uitzondering is de subsidie ‘Meer met Minder’. Bij 57 procent van de respondenten van de enquête leidde deze op prestaties gebaseerde subsidie tot daadwerkelijke investeringen in de energiehuishouding van hun woning.
 
Minder hapsnap
De promovendus pleit voor minder ‘hapsnap’ subsidieregelingen. In plaats van financiële ondersteuning die binnen korte tijd weer verdwijnt zouden er permanente instrumenten moeten komen voor verbetering van de energie-efficiëntie van (particuliere) woningen. Ook zouden stimuleringsinstrumenten slimmer en verfijnder moeten zijn en meer gericht op het daadwerkelijk energieverbruik: een goed energielabel mag geen vrijbrief zijn voor verkwisten van energie, aldus Murphy.

Lorraine.Murphy_proefschrift_cover_issue
Proefschrift

Download het proefschrift van Lorraine Murphy ‘Policy Instruments to Improve Energy Performance of Existing Owner Occupied Dwellings. Understanding and Insight’.

Foto: Het energielabel heeft slechts weinig invloed op de beslissing om een woning te kopen, blijkt uit onderzoek van Lorraine Murphy (foto stichting LNP)

Redactie Ensoc, 22-nov-16

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (4)

Reageren
  • P. Lomito
    02.12.2016 - 12:12 uur | P. Lomito

    Of je doet er alles aan om je woning energiezuinig te maken, gasketel vervangen door warmtepomp, het dak vol zonnepanelen zodat al het energieverbruik duurzaam opgewekt wordt, de label G woning in een label A verandert en iedereen in de groene wolken is...
    Maar dan komt in 2022 de jaarafrekening van het energiebedrijf en in plaats dat je geld terug krijgt mag je opeens een paar duizend euro bijbetalen omdat de teruggeleverde stroom niet langer gesaldeerd wordt maar op basis van momentane marktprijzen wordt afgerekend. Auw...

  • Giel Klaver
    01.12.2016 - 16:05 uur | Giel Klaver

    Je doet er alles aan om je huis optimaal te isoleren technisch te innoveren resultaat een NUL energie huis , je krijgt een voorlopig label wil dat effectueren
    blijkt je huis niet te bestaan ! Bij navraag en zoeken blijkt een huis op het industrie terrein met een B & B functie geen label nodig te hebben,
    Wie het begrijpt mag het zeggen.
    Giel Klaver

  • 29.11.2016 - 10:08 uur | Sjoerd Nienhuys

    De meeste mensen weten niet precies wat het energielabel betekent. De makelaars en notarissen hebben de invoering gefrustreerd door mazen in de wet te gebruiken. In theorie geeft het energielabel aan wat de gemiddelde gestandaardiseerde energiekosten van de woning zijn. Voor een kleine woning is verschilt dat aanzienlijk met het verbruik voor een grote woning, terwijl ze hetzelfde energie label kunnen hebben. Het energielabel wordt pas inzichtelijk wanneer achter de labelkleur ook in Euro's wordt aangegeven wat de gestandaardiseerde jaarlijkse warmte-energie kosten zijn van die woning. Slechts in dat geval kan een koper de terugverdientijd van de te nemen isolatie maatregels inschatten. De koper houdt wel degelijk rekening met de terugverdientijd (in tegenstelling van wat Murphy beweert) maar de gegevens zijn niet beschikbaar. Bij gebrekkige informatie gaat de koper voor de grootse of de meest gunstige ligging. Soms is de aanbevolen energiemaatregel voor het aanbrengen van een HR++ gasketel, maar die technische apparatuur is meestal na 15 jaar aan vervanging toe, en die vervangingskosten worden dan niet meegenomen.
    Isoleren van woningen is blijvend en hoeft na 15 jaar niet vervangen te worden. Als je de installatiekosten op de lange termijn vergelijkt met gebouw isolatie dan zie je dat het rendement door blijft zetten bij isolatie en dat het voor installatie na 15 jaar weer op nul begint (25 jaar voor de oudere zonnepanelen).

  • P. Lomito
    23.11.2016 - 09:31 uur | P. Lomito

    De rekenmethode van het Energielabel is inderdaad erg grof waarbij isolatiewerken onderschat worden ten gunste van installaties. Dit laatste is ook zichtbaar in de EPG-methode waarmee de energieprestatie van gebouwen gesimuleerd wordt op basis van gestandaardiseerd bewonersgedrag. Deze systeemfout bestaat nu al zo'n 24 jaar met als gevolg dat alle nieuwbouwwoningen van de afgelopen 24 jaar ondermaats geïsoleerd zijn en deze woningen onnodig veel energie verbruiken. Daarbij komt ook dat de bouwuitvoering nauwelijks aan toezicht onderhevig is en correcte plaatsing van isolatie- en luchtdichtingsmaterialen veelal achterwege blijft zodat de al schaarse maatregelen nog minder effect hebben.

    Eigenlijk zou de overheid aansprakelijk gesteld moeten worden voor de gebrekkige regelgeving en handhaving waardoor grote hoeveelheden kostbare energie verloren gaan. In plaats daarvan worden consumenten lastig gevallen met een Energielabel dat vrijwel ongeschikt is om zinvolle uitspraken te doen over het energieverbruik van een woning. Een volledig ongeïsoleerde en luchtlekke woning met label G (laagste categorie) kan omgetoverd worden in een label A (hoogste categorie) door de gasketel te vervangen met een warmtepomp en het dak vol te leggen met zonnepanelen. Dat je dan nog steeds een oncomfortabele en energieverspillende woning hebt doet er blijkbaar niet toe.

    Vergeet het Energielabel en zorg eerst dat de bouwregelgeving is aangepast aan de stand der techniek en dat er effectieve handhaving komt van die regelgeving. Zolang die zaken niet geregeld worden zullen we energieverspillende woningen blijven bouwen.