​Energiearmoede ontbreekt op politieke agenda

14.03.2017 | Branchenieuws | 506 keer bekeken
​Energiearmoede ontbreekt op politieke agenda

Geen enkele politieke partij heeft energiearmoede in haar verkiezingsprogramma staan. Dit terwijl maar liefst 1 miljoen Nederlandse huishoudens in energiearmoede leeft, zo blijkt uit onderzoek.

Minstens 750.000 huishoudens in Nederland hebben moeite om maandelijks hun energierekening te betalen meldde ECN onlangs. Dit cijfer is gebaseerd op de lage-inkomensgrens, een belangrijke armoede-indicator. Maar ‘een aanzienlijk deel’ van de huishoudens dat in energiearmoede leeft bevindt zich boven deze grens, stelt consultancyfirma Sia Partners in een deze week verschenen studie. De consultancyfirma schat op basis van een andere definitie dat het totaal aantal huishoudens dat in Nederland in energiearmoede leeft op 1 miljoen huishoudens.

Verborgen energiearmoede
Gekeken naar een Belgische berekening van energiearmoede in drie categorieën (verborgen en subjectieve energiearmoede) valt het Nederlandse aandeel van 750.000 huishoudens alleen in de categorie gemeten energiearmoede (gEA), meldt Sia Partners. Verborgen energiearmoede is aan de orde als huishoudens energiekosten vermijden door hun gebruik tot onder de drempel verlagen ‘die voor een fatsoenlijk leven aanvaardbaar wordt geacht’. Subjectieve energiearmoede gaat over het aandeel huishoudens ‘dat het moeilijk vindt om hun energiekosten af te stemmen op hun financiële mogelijkheden’, aldus Sia Partners.

Meer energiearmoede
Sia Partners schat dat nog eens 270.000 huishoudens in energiearmoede leeft bovenop de eerder vastgestelde 750.000. Sia Partners baseert deze schatting op gegevens van Eurostat en cijfers uit België, aangezien verborgen energiearmoede in Nederland niet wordt gemeten. Rekening houdend met overlap tussen de categorieën leeft ruim een miljoen Nederlandse huishoudens, oftewel 13,2 procent, in energiearmoede. Niet alleen de hoogte van inkomen is dus van invloed op energiearmoede, maar ook de hoogte van de energierekening en slechte wooncondities. Zo’n 47 procent van de huishoudens die in energiearmoede leven, voldoen niet aan de criteria waarmee risico op armoede wordt gemonitord.

Initiatieven beperkt
Sia Partners stelt net als ECN vast dat er toenemende aandacht is voor energiearmoede met de opkomst van landelijke en regionale initiatieven, zoals bijvoorbeeld de Stichting Energiebank Nederland. Toch is het aantal initiatieven dat het verminderen van energiearmoede als hoofddoel heeft beperkt, net als het aandeel bereikte huishoudens, meldt Sia Partners. Energiearmoede is voor veel initiatieven die zich richten op energiebesparing en de energietransitie nog bijvangst. Sia Partners vraagt zich af of lokale initiatieven in combinatie met ‘generiek’ sociaal beleid voldoende zijn om energiearmoede te bestrijden.

Niet in verkiezingsprogramma’s
De landelijke politiek biedt vooralsnog geen oplossing: energiearmoede is nergens in de verkiezingsprogramma’s te vinden, terwijl termen als energietransitie en energiebesparing 38 en 48 keer in de partijplannen staan. Het woord energiearmoede komt sinds 1995 in 24 parlementaire documenten voor, tegenover 1650 keer het woord energietransitie en 6500 keer het woord energiebesparing volgens Sia Partners. Dat sluit aan bij een studie waarin de Technopolis Group vaststelt dat Nederland in vergelijking met omringende landen weinig doet met energiearmoede. Het onderwerp staat sinds kort wel in Europa op de agenda, zo meldt Aedes.

Energiearmoede-akkoord
Duidelijk is dat energiearmoede een complex probleem is omdat huishoudens die eronder lijden, onderling veel verschillen en lastig te meten zijn. Sia Partners stelt daarom voor om kennis over energiearmoede te delen tussen partijen die deze problematiek bestrijden. Verder is het goed om lokaal succesvolle initiatieven te ondersteunen en te zorgen voor een ‘olievlekeffect’. Ook is een nationale energiearmoedemonitor nodig en is gerichte steun vanuit het kabinet cruciaal volgens Sia Partners. En in het verlengde van het energieakkoord zou ‘er wellicht gewerkt kunnen worden aan een energiearmoede-akkoord’.

Foto: Energiearmoede is in Nederland een onderschat probleem, zeker vanuit de landelijke politiek (foto independent.co.uk)

Tekst: Joost Agterhoek

Redactie Ensoc, 14-mrt-17

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (1)

Reageren
  • P. Lomito
    14.03.2017 - 18:40 uur | P. Lomito

    Ensoc is geen uitzondering in het niet benoemen van het energiearmoedeprobleem. Als we hier gaan tellen op energiearmoede en energietransitie dan verwacht ik verhouding van ca. 1:730 (gemiddeld 1 artikel per 2 jaar).

    Wat ook niet benoemd wordt is de directe relatie tussen energiearmoede en klimaatbeleid: energiearmoede wordt vooral veroorzaakt door de verhoogde energietarieven voor energie vanwege de doorberekening van SDE+ subsidie in de Opslag Duurzame Energie (ODE) van de energierekening. Dit jaar betaalt elk gezin 40 euro aan ODE op de energierekening, in 2022 is dat al gestegen naar 200 euro per huishouden. En daarover wordt dan ook nog BTW berekend, dus eigenlijk gaat het om € 48,40 en € 242,00 in 2017/2022.

    Naast de ODE stijgt ook de 'gewone' energiebelasting op stroom en gas, en ook de BTW daarover, zodat het leed niet te overzien valt. In Duitsland is men inmiddels enkele jaren verder in de geldtransitie (die men energietransitie noemt) en daar zitten nu dus 17% van de huishoudens in energiearmoede. Die kant zal het hier ook wel opgaan...