​​​CBS: aandeel duurzame energie stijgt naar 5,6 procent

30.09.2015 | Branchenieuws | 1974 keer bekeken
​​​CBS: aandeel duurzame energie stijgt naar 5,6 procent

Nederland ziet het aandeel hernieuwbare energie met 0,8 procentpunt stijgen naar 5,6 procent. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in een jaarrapport over 2014. Volgens Europese afspraken moet dit aandeel 14 procent zijn in 2020.

Het aandeel hernieuwbare energie steeg vorig jaar met 0,8 procentpunt ten opzichte van 2013. In het rapport noemt het CBS de stijging van het aandeel hernieuwbare energie tussen 2013 en 2014 opmerkelijk, omdat de stijging voor slechts 0,3 procentpunt wordt veroorzaakt door een toename van het verbruik van hernieuwbare energie. Het grootste deel van de stijging van het aandeel is het gevolg van een daling van het totale eindverbruik van energie. Dit komt vooral door het lagere verbruik van aardgas vanwege het warme weer in 2014. Daarnaast daalde ook de afzet van motorbrandstoffen.

Biomassa en wind
De meeste hernieuwbare energie komt uit biomassa (70 procent) en windenergie (20 procent). De bijdrage van andere bronnen als waterkracht, zonne-energie, bodemenergie en warmte uit de buitenlucht, is beperkt. Vorig jaar nam het verbruik van hernieuwbare energie voor warmte en vervoer toe, terwijl het verbruik voor elektriciteit ongeveer constant bleef. In 2014 was ongeveer de helft van het verbruik van hernieuwbare energie bestemd voor warmte, 40 procent voor elektriciteit en ruim 10 procent voor vervoer.

Duurzame warmte
Het verbruik van hernieuwbare warmte steeg in 2014 met ongeveer 10 procent naar 54 petajoule, omgerekend 5,3 procent. Deze stijging kwam vooral door een toename van de productie van warmte met biomassaketels bij bedrijven. Dit komt onder andere doordat deze techniek nu in aanmerking komt voor subsidie. Overigens blijft biomassa bij huishoudens de belangrijkste techniek voor de benutting van hernieuwbare warmte. Het gaat dan vooral om houtkachels. Ook bij andere technieken zoals afvalverbranding, biogas, warmtepompen en aardwarmte nam de productie toe.

Groene stroom
Nederland heeft in 2014 is, net als in 2013, 12 miljard kilowattuur elektriciteit geproduceerd uit wind, water, zon en biomassa. Dat is 10 procent van het elektriciteitsverbruik, vrijwel gelijk aan het aandeel in 2013. De productie van windmolens nam in 2014 met 9 procent toe door uitbreiding van de capaciteit. De productie van elektriciteit uit biomassa daalde met ongeveer 15 procent. De productie van zonnestroom nam met bijna 60 procent toe, na verdubbelingen in voorgaande jaren. De bijdrage van zonnestroom aan het totale elektriciteitsverbruik is echter nog steeds kleiner dan 1 procent.

Biobrandstoffen
Hernieuwbare energie was in het vervoer goed voor 6 procent van het totale energieverbruik, ruim een procent meer dan in 2013. Hernieuwbare energie voor vervoer bestaat vooral uit biobrandstoffen. Dit zijn brandstoffen die gemaakt worden uit biomassa en een groen alternatief vormen voor fossiele brandstoffen. Ruim 60 procent van de gebruikte biobrandstoffen waren milieutechnisch goede biobrandstoffen die, volgens Europese afspraken, dubbel tellen bij de berekening van het aandeel hernieuwbare energie voor vervoer.

Foto: Pelletgestookte biomassaketel verwarmt appartementen in flatgebouw Easy Street in Breda (foto 100procenttechniektalent.nl)

Redactie Ensoc, 29-sep-15

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (1)

Reageren
  • P. Lomito
    30.09.2015 - 12:50 uur | P. Lomito

    Ik heb op deze site al eerder gewezen op de mogelijkheid om het aandeel duurzame opwekking te laten stijgen zonder ook maar één zonnepaneel of windmolen bij te plaatsen, leuk om te zien dat het CBS dat nu ook door heeft. Het is vrij eenvoudig: verlaag het energieverbruik door het enorme potentieel van energiebesparing te benutten (isoleren gebouwen, instellen cv-installaties, energiezuinig maken van productieprocessen en het verder zuiniger maken van auto's/vrachtwagens), bij gelijkblijvend absolute omvang hernieuwbare opwekking en dalend totale energieverbruik stijgt automatisch het relatieve aandeel hernieuwbare opwekking.

    De voordelen van deze aanpak zijn evident:
    - directe vermindering gebruik van fossiele brandstoffen en daardoor minder CO2-productie
    - de besparingsmaatregelen betalen zichzelf terug door lagere energiekosten, de investering is zeer rendabel
    - iedereen kan mee helpen, zowel huishoudens, bedrijven, instellingen en iedereen betaalt zijn eigen aandeel
    - geen ongewenste en onrendabele windmolens nodig, geen verbranding van SDE+ via biomassa

    Aangezien minister Kamp last heeft van een stijve poot en daarmee het windmolen- en biomassa-Energieakkoord er sowieso doordrukt ten koste van enkel huishoudens is het aan die huishoudens om het voortouw te nemen en zelf de woning energiezuinig te maken. Daarmee kan men de eigen energierekening decimeren en zo voorkomen dat men veel onnodige energiebelasting die gebruikt wordt voor dat Energieakkoord/SDE+.

    Kom in verzet tegen windmolens door je woning te isoleren!