​Afschaffen fossiele subsidies goed idee?

04.04.2017 | Branchenieuws | 359 keer bekeken
​Afschaffen fossiele subsidies goed idee?

Door subsidies op fossiele brandstoffen af te bouwen kan 12 procent van de broeikasgasreductie behaald worden die is afgesproken in het Parijse klimaatakkoord. Europese landen zijn echter nog huiverig om deze subsidies af te schaffen.

Van alle overheidsinkomsten over de hele wereld wordt 8,5 procent besteed aan fossiele subsidies. Dat komt neer op 2,9 procent van het bruto nationaal product wereldwijd en 603 euro per persoon in Europa. Deze cijfers zijn gemeten in 2013. Een nieuwe Europese studie zet deze cijfers van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) naast andere onderzoeken over fossiele subsidies, broeikasgassen en welk subsidiebeleid uitstoot van deze gassen zoveel mogelijk terugdringt.

12 procent van uitstootdoel Parijs
Snijden in fossiele subsidies kan volgens het Internationale Energie Agentschap (IEA) veel doen voor het klimaat. Het agentschap schat dat zelfs als subsidies op gas, kolen en olie deels uitgefaseerd worden tegen 2020, dit 360 miljoen ton broeikasgas kan besparen. Dit staat gelijk aan 12 procent van de broeikasgasreductie die volgens het klimaatakkoord van Parijs nodig is om de temperatuur van de  aarde niet meer dan 2 graden te laten toenemen. Minder subsidie van gas, kolen en olie kan dus bijdragen aan het klimaat.

Wat is wel en niet subsidie?
Om iets te veranderen aan de fossiele subsidies, moet eerst duidelijk zijn hoeveel en op welke manieren overheden fossiele brandstof ondersteunen. Dat is nu juist het probleem, aldus het rapport: schattingen over fossiele subsidies in de EU lopen uiteen van 39 tot 200 miljard euro. Wat wel en niet fossiele subsidie is, is vaag. Dat maakt beoordeling en vergelijking tussen landen lastig, melden onderzoekers van de milieucommissie van het Europees Parlement. Ook geeft het EU-landen de ruimte om bepaalde subsidies weg te laten uit rapportages.

Maatschappelijke kosten
De cijfers van het IMF zijn het meest volledig, stelt het rapport, dat ook berekeningen van het IEA en de OECD laat zien. Het IMF becijfert de subsidies voor en na belastingen. Na belastingen zijn ook de maatschappelijke kosten van fossiel brandstofgebruik meegerekend, zoals luchtvervuiling, snellere klimaatverandering en verkeersopstoppingen. Subsidies voor belastingen kwamen in 2011 wereldwijd op ruim 460 miljard en na belastingen op 1,9 biljoen euro. De waarde van de maatschappelijke kosten die komen kijken bij fossiel brandstofgebruik is dus ongeveer drie keer zo hoog als de steun die overheden aan deze brandstoffen bieden, volgens de onderzoekers.

Economische impact van minder subsidie
Waarom zijn overheden onwillig om hun fossiel subsidiebeleid te veranderen? De onderzoekers noemen daarvoor diverse redenen. Zo zijn er zorgen over de economische impact van minder brandstofsubsidie, wat kan leiden tot grilligere energieprijzen en inflatie. Duurdere brandstoffen zijn ook nadelig voor de inkomens van minderbedeelden, zeker in landen zonder een sociaal vangnet. De onderzoekers benadrukken echter ook dat fossiele subsidies ongelijkheid kunnen doen toenemen door betaalbare energie minder toegankelijk te maken. Wellicht een van de lastigste drempels om fossiele subsidies te verminderen is verzet van partijen die belang hebben bij fossiele brandstoffen, zoals de industrie. Doordat deze partijen weten hoe de hazen lopen in wetgeving en politiek, zijn ze goed in staat om beleidsveranderingen te blokkeren.

Prijzen omhoog, subsidies omlaag
Ondanks dat er in Europa weinig animo is om het fossiele subsidiebeleid te veranderen, zijn er een aantal landen die ‘significante vooruitgang’ hebben gemaakt. Landen als Egypte, Indonesië, Iran en Maleisië verhoogden fossiele brandstofprijzen of schaften hun subsidies (deels) af. ‘Als andere landen hun beleid ook willen aanpassen om klimaatverandering tegen te gaan, dan is onderzoek voor, tijdens en na de beleidsverandering nodig. Ook moeten overheden genoeg praten met stakeholders en met hen betrokken blijven in het beleidsproces. En om een verandering in beleid te doen slagen, moet negatieve impact op bedrijven, huishoudens en individuen waar mogelijk gecompenseerd worden’, aldus de onderzoekers in het rapport.

Rapport
Lees het rapport ‘Fossil Fuel Subsidies’ van de milieucommissie van het Europees Parlement.

Foto: Leiders van de G7 planten bomen in het Ise Jingu heiligdom in het Japanse Kashikojima. Hiermee riepen ze eind mei vorig jaar op om de meeste fossiele subsidies binnen tien jaar af te bouwen (foto The Guardian Chung Sung-Jun/Getty Images)

Redactie Ensoc, 4-apr-17

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (1)

Reageren
  • P. Lomito
    04.04.2017 - 12:25 uur | P. Lomito

    Het energiebeleid van elk land zou er op gericht moeten zijn om huishoudens, MKB en industrie/transport een betrouwbare en goedkope energievoorziening te garanderen. Daarnaast is het goed om te kijken naar mogelijkheden om de impact van dat energieverbruik op milieu/klimaat zo klein mogelijk te maken maar steeds onder primaire voorwaarde dat alle afnemers altijd kunnen beschikken over grote hoeveelheden energie tegen de laagst mogelijke prijs.

    Daarom is het bijvoorbeeld niet verstandig om te investeren in windmolens en zonnepanelen die de energie onnodig duur maken en bovendien de leveringszekerheid negatief beïnvloeden. Het opstoken van subsidie in biomassa kan gezien worden als vernietiging van natuur, milieu en van kapitaal.

    Het stoppen van subsidie op energie is dan ook aan te bevelen voor zover het om inefficiënte energiebronnen gaat. Subsidie op R&D van nieuwe, toekomstbestendige energiebronnen zou een veel betere besteding zijn van de vele miljarden euro's die nu opgestookt worden met hernieuwbare bronnen.