200 minder kolencentrales met efficiëntere elektromotoren

02.11.2016 | Branchenieuws | 959 keer bekeken
200 minder kolencentrales met efficiëntere elektromotoren

Met het efficiënter maken van elektromotoren en elektrische pompen, ventilatie- en compressorsystemen kan de wereld de bouw van 200 nieuwe kolencentrales vermijden, zo heeft ECN berekend. Dit draagt fors bij aan het halen van de doelen uit het klimaatakkoord van Parijs.

Van alle elektriciteit in de wereld wordt 45 procent gebruikt voor elektrische motoren en pompen, ventilatie- en compressorsystemen. Deze motoren en systemen zijn vaak verouderd en energieverspillend. Door ze te optimaliseren en energie-efficiënter te maken kan de wereld meer dan 1350 terawattuur elektriciteit besparen. Dat is goed voor zeven procent van het wereldwijde stroomverbruik en twaalf keer het jaarlijkse elektriciteitsverbruik van Nederland.

Dit maakt de bouw van tweehonderd nieuwe kolengestookte centrales overbodig, zo heeft het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) berekend. Door op wereldwijde schaal alle elektrisch aangedreven motoren en systemen te optimaliseren is 17 procent minder capaciteit aan geplande kolencentrales nodig, omgerekend zo’n 200 kolencentrales. Dit komt neer op een investering van zo’n 375 miljard dollar, die dus vermijdbaar is.

Eyeopener
‘Dat zo’n groot deel van het mondiale elektriciteitsverbruik naar elektromotoren gaat, was voor ons ook een eyeopener. Er gaat 2,5 keer zoveel elektriciteit naar dit soort motoren en aangedreven systemen als naar verlichting,’ zegt onderzoeker Jeffrey Sipma van ECN Beleidsstudies. ‘Het besparingspotentieel is groot, kosteneffectief en in technische zin relatief eenvoudig te behalen.’

In het licht van de klimaatafspraken van Parijs ziet ECN grote mogelijkheden voor landen om met energiebesparing op elektromotoren een groot deel van hun duurzame doelen te behalen. Met name ontwikkelingslanden kunnen hiervan profiteren, zo meldt de VN-organisatie voor klimaatprogramma’s  in ontwikkelingslanden (UNEP), die hiervoor een taskforce opzet waar ook ECN zitting in heeft.

Industrie
ECN helpt overheden van landen met het opstellen en implementeren van stappenplannen om elektromotoren en aangedreven systemen, met name in de industrie, te optimaliseren en energie-efficiënter te maken. Maar ook in de commerciële sector ligt een behoorlijk besparingspotentieel. Omdat dit soort apparaten lang meegaan en vaak nog opnieuw worden gewikkeld, is het motorenpark in de hele wereld verouderd geraakt.

Met relatief eenvoudige maatregelen zijn echter enorme besparingen te behalen. Dat begint met het vervangen van oude motoren met energieklasse IE0 of IE1 door modernere, zuinigere van klasse IE3 of IE4. Dat bespaart al ettelijke procenten. Grote besparingen zijn te behalen door frequentieregelaars te installeren bij pompen, compressoren of ventilatiesystemen. Dan kan de bespaarde elektriciteit oplopen tot zo’n 15 tot 40 procent. Afhankelijk van de aandrijving van het proces kan de productiecapaciteit toenemen.

Energieaudit
Verdere winst is te behalen door het repareren van lekkages, het invoeren van een motormanagement systeem, het vervangen van de aangedreven pompen of ventilatoren en diverse andere technische en organisatorische verbeteringen. ECN hanteert daarvoor diverse checklisten. De besparing die in de praktijk gerealiseerd wordt varieert sterk, maar is goed te voorspellen met een energieaudit. Gemiddeld gezien wordt uitgegaan van een besparingspotentieel van 20 procent in de industrie en 15 procent in de dienstensector, en dat is een conservatieve schatting.

‘Wij maken stappenplannen. Eerst kijken we waar de grootste industriële bedrijven met het grootste verbruik zitten en stellen we prioriteiten. Daarna gaan we met regeringen aan tafel en stellen we doelen vast. Vervolgens kijken we naar systemen en proberen we bedrijven awareness bij te brengen,’ legt Sipma het proces in grote lijnen uit. ‘Wij adviseren overheden hoe ze dit hele verhaal kunnen kwantificeren, opstarten, aansturen, stimuleren en financieren.’

Indonesië
ECN adviseert landen en regeringen op het gebied van energiebesparing en heeft net een tweejarig project met Indonesië afgerond. In Indonesië hielp ECN de regering de afgelopen jaren met het opzetten van plannen van aanpak om de industrie te laten overstappen op zuinigere en efficiëntere motoren en systemen. In het land worden nog veel verouderde motoren van energieklasse ‘IE0’ en IE1 gebruikt, vaak goedkoop geïmporteerd uit China. Lage, gesubsidieerde stroomprijzen en het ontbreken van kennis vormen drempels voor verandering.

Door efficiënter stroomgebruik systematisch aan te pakken binnen de grootste industriële en commerciële verbruikers kan Indonesië jaarlijks gemiddeld 23 terawattuur energie besparen. Daarmee kan de industrie 1,5 miljard dollar besparen en houdt de overheid bijna een 1 miljard aan subsidies in haar zak. Dan hoeft Indonesië de helft van de nu geplande kolencentrales niet te bouwen, waarmee het land een investering van ruim 11 miljard dollar vermijdt en een groot deel van zijn klimaatafspraken kan nakomen. ‘Het is voor iedereen een win-winsituatie,’ zegt Sipma.

Succesverhalen
Hoewel het beleidsprogramma een proces van lange adem is, kan Indonesië al succesverhalen melden. Zo bespaarde een farmaceutisch bedrijf 49 procent elektriciteit op zijn koelwatersysteem. De investering was binnen twee jaar terugverdiend, omdat het bedrijf hiermee jaarlijks 80.000 dollar bespaarde op de energiekosten. Een petrochemisch bedrijf installeerde 34 frequentieregelaars en zag zijn stroomverbruik met 28 procent dalen. De investering was binnen vijf maanden terugverdiend. Een textielfabriek bespaarde met 15 frequentieregelaars 59 procent stroom voor zijn ventilatiesystemen. De frequentieregelaars waren na ruim een jaar terugverdiend.

In Europa gaat 69 procent van het industriële energieverbruik naar elektrische aandrijfsystemen. Volgens berekeningen van het Internationale Energie Agentschap (IEA) is met efficiency-maatregelen een besparing van 20 tot 30 procent haalbaar. In Nederland hebben bedrijven en overheid een Green Deal Efficiënte Elektrische Aandrijfsystemen uitgevoerd om dit potentieel beter bekend te maken. Op basis van cijfers van het IEA is met efficiënte industriële aandrijfsystemen 5 tot 8 procent te besparen op het nationaal elektriciteitsverbruik. ECN is gevraagd het potentieel nader te berekenen.

Bedrijven in Nederland
Diverse bedrijven hebben hier al voordeel mee gehaald, zoals Tata Steel. Het staalbedrijf bespaarde 30 procent op het energiegebruik van een groot pompsysteem door frequentieregelaars toe te passen. Een huisdiervoederbedrijf bespaarde 23 procent energie door een kleinere efficiëntere motor voor een machine voor hondenbrokken te kopen. Een verpakkingsproducent bespaarde jaarlijks 655.000 kilowattuur en 65.500 euro dankzij nieuwe IE3 motoren, het repareren van lekkages en het installeren van frequentieregelaars. Een glasproducent bespaarde dankzij frequentieregelaars 40 procent energie en verhoogde de capaciteit van een van zijn productielijnen met 6 procent.

De gemiddelde besparing van 15 afgeronde projecten lag op 13 procent, een totale besparing van 3,2 gigawatt per jaar. Dit is geen volledig nieuw besparingspotentieel, zegt Sipma. ‘Het zit voor een deel al ingebed in diverse lopende beleidsprogramma’s zoals de MJA’s, maar het is wel erg verhelderend om dit zo direct aan elektromotoren te koppelen. Bovendien zou extra aandacht voor deze systemen het oogsten van het besparingspotentieel kunnen versnellen,’ aldus Sipma. 

Foto: Elektromotoren in onderhoud bij een werkplaats van Stork Technical Services in Elsloo (foto Europoort Kringen)

Redactie Ensoc, 2-nov-16

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (0)

Reageren