Vergeet warmte niet bij energietransitie

Columns | 1121 keer bekeken
Vergeet warmte niet bij energietransitie

Bij de energietransitie denken we vaak alleen aan elektriciteit, terwijl we warmte over het hoofd zien. Het zet veel meer zoden aan de dijk als we minder warmte gebruiken en meer restwarmte benutten.

Tekst: Leo Smit

Ons warmtegebruik is veruit de belangrijkste veroorzaker van ons huidige energiegebruik en daarmee de voornaamste bron voor onze CO2-uitstoot. Denk daarbij aan verwarming van gebouwen of de benodigde proceswarmte voor de industrie. Helaas krijgt het verminderen van ons warmtegebruik en in de inzet van restwarmte minder aandacht dan ons elektriciteitsgebruik. Het aspect  ‘penny wise, pound foolish’ ligt dan op de loer.

Ook energiebeleid is wat dat betreft aan trends onderhevig. Zonnepanelen en elektrische auto's lijken voor beleidsmakers vaak de heilige graal voor een duurzame samenleving. Deze technieken kunnen echter in Nederland in werkelijkheid op het totale energiegebruik (voorlopig) slechts een bescheiden bijdrage leveren.

Beleid voor restwarmte
Om het hergebruik van restwarmte te stimuleren zal de overheid en invloedrijke partijen in het algemeen maar twee dingen hoeven te doen. Zorgdragen voor ondersteuning voor lange termijn financiering (en iets minder ingewikkelde milieu investeringsaftrek regelingen) om risico’s voor ondernemers acceptabel te maken en op te treden als ‘koppelaar’ tussen partijen om koudwatervrees weg te nemen.

Een moreel verbod op het verkwisten van hoogwaardige restwarmte kan hierin een extra stimulans vormen. Instrumenten om hierop toe te zien zijn al beschikbaar zoals de Wet Milieubeheer en de Energy Efficiency Directive (EED). Daarbij zal vanuit handhaving verder gekeken moeten worden dan het lijstje erkende maatregelen.  

Koppeling belangrijk
Op deze wijze wordt er ‘nooit’ meer een zwembad gebouwd zonder een ijsbaan en/of datacenter daar aan vast te knopen, wordt warmte in de zomer omgezet via bijvoorbeeld absorptiekoelmachines naar koude, of wordt dezelfde warmte aan meerdere industriële processen beschikbaar gesteld. Zo kan een cementproducent prima restwarmte leveren aan een composteerbedrijf. Samenwerken op energiegebied loont en verhoogt de concurrentiekracht.

Dit is eigenlijk iets dat in de jaren tachtig en negentig al gebeurde door het plaatsen van installaties voor warmtekrachtkoppeling (WKK). Dit vond plaats met de ondersteuning van enige subsidie en de ijver van energiebedrijven die de maatschappelijke doelen boven winst stelden. CO2-reductie is dan mogelijk tegen een fractie van de maatschappelijke kosten van windturbines op zee. Ik wil daarmee niet voorbij gaan aan het belang om energie duurzaam op te wekken, maar zonder een uitgekiend systeem voor ons dagelijks energiegebruik blijft dat dweilen met de kraan open.

Meer elektrisch
Volgens ramingen van WKK-vereniging Cogen is nog een verdubbeling mogelijk van het huidige geïnstalleerde WKK vermogen. Dit zou betekenen een extra besparing van ca. 10 Mton CO2 en 100 PJ energie. Er kan vanuit worden gegaan dat mobiliteit en machines steeds vaker elektrisch  aangedreven gaan worden en verwarming met warmtepompen wordt ingevuld. Hierdoor  zal ons elektriciteitsverbruik groeien t.o.v. het direct inzetten van primaire (fossiel) energiedragers.

In het kader van CO2-reductie is het laten groeien van het aandeel duurzame elektriciteit relevant, maar ook een langdurig proces om significant te laten zijn op de benodigde daling van onze CO2-uitstoot. Om de CO2-doelstellingen te behalen is focus op het zo efficiënt mogelijk opwekken van elektriciteit (combinatie met warmtelevering), het verminderen van ons warmtegebruik en het beter inzetten van restwarmte zeker zo belangrijk. 

Over de auteur: Leo Smit is ruim 20 jaar werkzaam als consultant en ondernemer op gebied van informatie- en procesmanagement. De laatste jaren is hij actief als duurzaamheidsconsultant en specialist op het terrein van CO2-management. Hij is tevens docent voor de PHOE-opleidingen Energiebeheer en Energieaudit EED.

Foto: Warmtekrachtkoppeling (wkk) is een energiezuinige techniek die zowel elektriciteit als warmte opwekt.

Redactie Ensoc, 22-dec-16

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (2)

Reageren
  • 30.12.2016 - 16:01 uur | Carel Anink

    Helder verhaal dat er op het gebeid van warmte meer te halen is dan bij de 410 PJ elektriciteit die we in Nederland verbruiken op een totaal energieverbruik van 2.500 PJ. Echter, het rendement van kleinschalige WKK wordt naar mijn inzicht te rooskleurig voorgesteld.

    Een moderne kleinschalige WKK heeft een elektrisch rendement van 43 % en een thermisch rendement van 47 %. Dan is echt alles eruit gewrongen. Een STEG heeft een elektrisch rendement van 58 %. De laatste ontwikkelingen laten zien dat er nog wel meer uitgewrongen kan worden maar laten we voor de hierna volgende vergelijking maar uitgaan van die 58 %.

    De vergelijking:
    100 Joule brandstof in een WKK levert 43 joule bruikbare elektriciteit en 47 joule warmte.
    100 Joule brandstof in een STEG levert 58 joule elektriciteit. Dat is 15 joule elektriciteit meer dan de WKK. Indien met die 15 joule elektriciteit een warmtepomp wordt aangedreven met een COP van 3,5 dan heb levert dat 52,5 joule warmte en 43 joule bruikbare elektriciteit

    Conclusie: De STEG warmtepomp combinatie levert meer energie dan een WKK, uit dezelfde hoeveelheid brandstof.

  • P. Lomito
    27.12.2016 - 14:56 uur | P. Lomito

    Probleem blijft dat CO2-reductie zelf nauwelijks relevant is (geringe klimaatgevoeligheid en positieve effecten op fotosynthese) en daarmee vrijwel alle duurzame maatregelen die CO2-reductie tot doel hebben. Veel relevanter is het verlagen van energie-inefficiëntie van gebouwen en industriële processen, niet vanwege de CO2-reductie die als collateral damage gezien kan worden, maar vanwege verminderde afhankelijkheid van energiebronnen van welke aard dan ook.

    Die onafhankelijkheid geeft keuzevrijheid. Iemand die zijn woning ECHT energiezuinig gemaakt heeft herkent dit direct: de vraag naar energie voor verwarming is zo laag dat de beschikbare opties om aan die vraag te voldoen zeer ruim zijn. Zonnewarmte en interne warmteproductie kunnen dan een aanzienlijk deel van de energievraag verminderen en tijdens de koudste/donkerste dagen kan voldaan worden met een kleine pelletkachel, IR-paneel of een simpel elektrisch kacheltje. Er is dan geen behoefte meer aan een uitgebreid centrale verwarmingssysteem met een buizenstelsel door het hele huis en kwetsbare/onderhoudsgevoelige technieken als warmtepompen en gasketels. Een simpele houtkachel kan zelfs zorgen voor warmte als het stroomnet door overbelasting uitvalt, een scenario dat helaas steeds reëler wordt naarmate betrouwbare stroomcentrales worden gesloten, onbetrouwbare duurzame stroomopwekking wordt bijgeplaatst en de vraag naar stroom kunstmatig wordt bevorderd door het stimuleren van E-auto's en warmtepompen.