'Industrie moet elektrificeren voor energietransitie'

Expertartikelen | 1017 keer bekeken
'Industrie moet elektrificeren voor energietransitie'

Zonder elektrificatie van de industrie komt er geen succesvolle energietransitie. Dat meldt Sigrid Bollwerk, program development manager energiebesparing bij ECN. 'Het moet anders, en dat kan ook'.

Tekst: Sigrid Bollwerk 

De energietransitie betekent: minder energie gebruiken en deze zoveel mogelijk duurzaam opwekken. Dat betekent dichtbij huis: ledverlichting, energiebesparende apparaten, een elektrische auto en een goed geïsoleerd huis met zonnepanelen of aardwarmte. Zo willen we ervoor zorgen dat we in Nederland in 2050 (bijna) geen CO2 meer uitstoten.

Maar energiebesparing bij u thuis is niet genoeg. Weinig mensen realiseren zich dat de industrie bijna de helft van het jaarlijkse Nederlandse energiegebruik voor haar rekening neemt. We halen ons doel enkel als alle partijen in de komende jaren grote stappen zetten. En dat geldt met name voor de industrie.

Goedkope energie
De industrie in Nederland is ingericht op de onbeperkte beschikbaarheid van goedkope olie, gas en kolen. Industriële processen vergen vaak hoge temperaturen, dus moet er veel gestookt worden. Bovendien worden olie en gas niet alleen als brandstof maar ook als grondstof gebruikt. Biomassa  wordt nog weinig toegepast.

De extreem lage prijs van olie en andere fossiele brandstoffen in de afgelopen jaren, en de lage kosten voor CO2-uitstoot, maken het onaantrekkelijk om te investeren in energiebesparing of in vervanging van fossiel door duurzame alternatieven. Daardoor stoot de industrie nog enorme hoeveelheden koolstofdioxide uit. Het loont voor bedrijven niet om besparende maatregelen te nemen.

Het kan en moet anders
Er zit dus weinig beweging in de industrie. Omdat het hier om bijna de helft van ons energiegebruik gaat, leidt dit tot een enorme vertraging van de energietransitie. Dat moet anders, en dat kan ook. Er zijn al heel wat technologieën beschikbaar om de CO2-uitstoot door industriële processen radicaal te verlagen. Je kunt bijvoorbeeld biomassa, maar ook duurzaam opgewekte elektriciteit in de industrie inzetten ter vervanging van fossiele energie. Dat laatste noemen we elektrificatie van de industrie.

Met duurzame elektriciteit kun je bijvoorbeeld warmte opwekken. Nog beter is restwarmte opwaarderen door een warmtepomp te installeren die restwarmte hergebruikt. Ook kun je met duurzame elektriciteit waterstofgas maken uit water en brandstoffen zoals methanol uit CO2. Het mes snijdt hier aan drie kanten. Tot slot kunnen elektrochemische processen de plaats innemen van chemische reacties die nu nog bij hoge temperatuur verlopen en daardoor veel brandstof vergen.

Kleinere fabrieken
Het industriële landschap zal ingrijpend veranderen door de overschakeling van fossiele naar duurzame energie. De nieuwe productieprocessen kunnen op kleinere schaal worden toegepast en zijn flexibeler dan de huidige grootschalige installaties. Kleinschalige fabrieken staan daar waar de producten nodig zijn en draaien op lokaal opgewekte duurzame elektriciteit. Omdat de processen flexibel zijn, kunnen ze snel stilgelegd worden bij overcapaciteit of overstappen op een andere grondstof.

Zeker is dat deze ontwikkelingen tijd vergen. Ook zonnepanelen en windturbines bestaan al enkele tientallen jaren en worden nu pas rendabel. Willen we met de transformatie van de procesindustrie niet de boot missen, maar juist een voorsprong opbouwen, dan moeten we nu actie ondernemen. Bedrijven, overheid  en kennisinstellingen moeten nu de handen ineen slaan om deze ontwikkelingen samen op te pakken en te versnellen. Het energielandschap zal er in 2035 in ieder geval heel anders uitzien. Grote kans dat de industrie dan verregaand is geëlektrificeerd.

Foto: In India levert het Adani zonnepark van 648 MW elektriciteit aan het net (foto ABB)

Verantwoording: Sigrid Bollwerk schreef dit artikel in het kader van de Nationale Energieweek (3-10 oktober 2016), waarbij ECN elke dag een Stelling van de Dag publiceerde.

Over de auteur: Sigrid Bollwerk studeerde chemische technologie aan de Universiteit Twente, waarna ze werkte bij ExxonMobil, SenterNovem, Hogeschool Rotterdam en DNV-GL. Sinds 2014 is ze program development manager energie-efficiency bij ECN. In deze functie is ze verantwoordelijk voor het R&D-programma voor energiebesparing in de industrie. Ook is ze bestuurlijk actief voor Voltachem, ISPT en de Topsector Chemie.

Redactie Ensoc, 10-okt-16

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (5)

Reageren
  • 22.11.2016 - 11:28 uur | Jan Commandeur

    Het ontwikkelen van betaalbare duurzame brandstoffen moet nummer 1 in Nederland zijn.
    Het oplossen van de warmte vraag in de winter is niet met zonne- en windenergie op te lossen.
    Denk aan zonloze en windstille dagen.
    Dus all electric kan pas grootschalig worden ingevoerd als deze problemen zijn ingevuld.

  • A. Dewereld
    12.10.2016 - 22:40 uur | A. Dewereld

    Google op cv tuning, er zijn een paar interessante blogs die hier goede uitleg over geven. Bijv. op tweakers.net. Een groot stuk winst is al makkelijk te halen met redelijk simpel aan de knoppen van de radiatoren/convectoren te draaien. Er moet bij elke unit een duidelijk verschil zijn in temperatuur tusssen de ingaande en uitgaande leidingen. En er moet een duidelijk verschil zijn tussen de uitgaande en ingaande leiding bij de ketel. En dan idd liefst de ketel een stuk lager instellen dan de vaak standaard gekozen 90 graden.

  • P. Lomito
    12.10.2016 - 21:38 uur | P. Lomito

    Inderdaad, mijn inschatting is dat slechts zo'n 25% van de HR-ketels in NL afgesteld zijn op een stookregime bij lage temperatuur (50-30) en daardoor het hoge rendement halen. Misschien wordt het tijd voor HR-installateurs en HR-adviseurs...

  • A. Dewereld
    11.10.2016 - 22:15 uur | A. Dewereld

    Het is jammer dat op zich goede en interessante ontwikkelingen steeds aan CO2 en klimaat gekoppeld worden. Ook al wordt er een hetze gevoerd tegen critici, feitelijk is het de stelling dat menselijke CO2 uitstoot leidt tot "catastrofale" opwarming of klimaatverandering niet bewezen. De sensitiviteit van deze koppeling wordt volop betwist. Het is ook jammer dat NL vol HR ketels is, maar dat de afstelling van die ketels en de radiatoren/convectoren vaak niet wordt uitgevoerd, hetgeen een groot deel van het zgn hoge rendement tenietdoet.

  • P. Lomito
    10.10.2016 - 17:03 uur | P. Lomito

    De beoogde klimaatdoelen zijn in de woningbouw al bereikt met HR-ketels en woningisolatie. Desondanks wordt de rekening voor mitigatie volledig bij huishoudens en MKB gelegd terwijl de industrie die nog lang niet aan de klimaatdoelen voldoet nauwelijks meebetaalt aan energiebelasting en opslag Energieakkoord.

    Verder is dit weer zo'n Jij-moet-dit artikel. Er moet helemaal niets, de klimaatdoelen zijn een wens en geen verplichting.