Hug the monster

Columns | 1269 keer bekeken
Hug the monster

‘Hug the monster’ (knuffel het monster) is een psychologische werkwijze om met hooglopende emoties in extreme situaties om te gaan. Jan Paul van Soest adviseert in zijn boek ‘De Twijfelbrigade’ deze methode te gebruiken om de emoties in het klimaatdebat wat te temperen.

Tekst: Rob Kemmeren

De methodiek van ‘hug the monster’ is afkomstig van de Amerikaanse luchtmacht. Het is bedoeld om in levensgevaarlijke situaties bijvoorbeeld bij een neergeschoten vliegtuig, verlammende angst om te zetten in actie. De meest extreme situaties moeten in alle consequenties worden doordacht, en zo rustig mogelijk moeten alternatieven voor vervolg actie worden bedacht, zodat er ‘realistische hoop’ ontstaat[1].

Deze methode is goed toepasbaar in het klimaatdebat. Stel als gedachtenexperiment: sceptici hebben geen gelijk, de gevolgen van klimaatveranderingen vallen niet mee, en de toekomst ziet er echt zo rampzalig als de meest zwartgallige believers beweren. De vraag is hoe de wereld er dan uit zal gaan zien. Het antwoord kan het best gegeven worden door de drie gangbare verdedigingslinies van de klimaatsceptici te onderzoeken: klimaatveranderingen zijn niet waar, ze zijn niet erg, en er is niets aan te doen.

Het zou niet waar zijn. Het standpunt dat de aarde gevaarlijk opwarmt, wordt wereldwijd steeds meer gedragen en het jaar 2015 is wat mij betreft een keerpunt. Een aantal voorbeelden van recente uitspraken en ontwikkelingen in klimaatdebat: het IPCC drukt zich steeds sterker uit; de Paus publiceerde zijn befaamde milieu-encycliek ‘Laudato si’; de Amerikaanse president Obama noemde klimaatveranderingen de grootste bedreiging voor de mensheid; energiegigant Exxon, zo blijkt uit recent journalistiek onderzoek, wist al sinds eind jaren zeventig dat de groeiende CO2-uitstoot tot mondiale disruptie zou leiden. Exxon had top-wetenschappers in dienst, die 35 jaar geleden het huidige standpunt van het IPCC onderschreven. Hiermee vergeleken is dieselgate kinderspel. Er is geen twijfel: het monster bestaat.

Het zou niet erg zijn. De huidige CO2-concentratie van 400 ppm leidt nu al tot een verhoging van ca 0,85 graden. Als het toegezegde klimaatbeleid wordt uitgevoerd, stijgt de temperatuur met 3,5 graden. Het ‘busines as usual’-scenario leidt 4,5 graden verhoging. De klimaat-sceptici menen dat de gevolgen wel meevallen. Een hoger CO2-gehalte zou bijvoorbeeld leiden tot versnelde plantengroei en hogere voedselopbrengst. De klimaat-believers zijn veel somberder, want de negatieve gevolgen zijn nu al merkbaar: de Noordpool smelt in versnelt tempo, gletsjers trekken zich wereldwijd terug, de zee verzuurt en de zeespiegel stijgt. Het Pentagon beschouwt klimaatveranderingen als een ‘risk-amplifier’. De vluchtelingenstroom uit Syrië is hiervan een voorbeeld. De al bestaande politieke en militaire instabiliteit werd verergerd door grote droogte. Boeren trokken van het platteland naar de stad, het regime ving hen onvoldoende op, en de vlam sloeg in de pan. Het monster is gevaarlijk.

Er is niets aan te doen. Een groep klimaatsceptici beweert dat er niets meer aan klimaatverandering te doen is, terwijl veel believers nog hoop hebben. Hierbij zouden klimaatsceptici gelijk kunnen hebben. Wellicht is het ‘point of no return’ inderdaad al lang gepasseerd. Zelfs bij een stop van de CO2-uitstoot zal de bestaande verhoogde CO2-concentratie tot een voortdurende opwarming leiden. Feedback mechanismen kunnen vervolgens een ‘run away climate change’ veroorzaken. De CO2-uitstoot zal echter niet stoppen, want de wereldwijde honger naar energie is te groot. De overgang naar duurzame energie (wind, water, zon, biomassa) is ‘too little, too late’. Andere grootschalige projecten met bijvoorbeeld kernenergie duren te lang, en zijn te controversieel om oplossingen te kunnen bieden. Het monster groeit.

Het monster bestaat, het heeft nu al zijn tanden laten zien, het groeit en is onverslaanbaar. We kunnen het niet temmen, daarvoor is het te wild. We moeten het knuffelen, het rustig in de bek durven kijken, om te kijken of en welke opties we nog hebben. Vragen die we ons zullen moeten stellen zijn bijvoorbeeld:

  • Bij welke stijging van de zeespiegel moet westelijk Nederland worden ontruimd? Onze eigen Deltacommissie stelt dat de voorspelde verhoging van 1 meter in 2100 geen wezenlijke problemen oplevert. Wat moet er echter gebeuren bij 2, 3 of 10 meter stijging?
  • Wanneer is geo-engineering noodzakelijk? Stel dat de wereld 2 graden is opgewarmd, en de CO2 uitstoot doorgaat. Moet er dan roetdeeltjes in de lucht worden gebracht om de opwarming tegen te gaan?
  • Komen er nieuwe vluchtelingenstromingen op gang, en hoe moeten we daar mee omgaan? Stel dat de casus Syrië nog maar het begin is van instabiliteit in het Midden-Oosten, en niet honderdduizenden maar miljoenen vluchtelingen Europa proberen te bereiken?Hug the monster: stel uzelf de meest extreme vragen, beschouw de meest extreme antwoorden. Als u aan alles gewend bent, dan valt de werkelijkheid wellicht een beetje mee en kunnen de emoties in het debat worden getemperd. Er is nog een sprankje ‘realistische hoop’ om deze planeet een beetje bewoonbaar te houden, en laten we ons daar dan aan vasthouden.

    Over de auteur: Rob Kemmeren werkt bij de gemeente Amsterdam als beleidsmedewerker businesscontroll. Hij studeerde bestuurskunde aan Universiteit Twente, waarna hij als beleidsmedewerker werkte voor gemeente Haarlem, de Fietsersbond en de PvdA in het Europarlement. Vanaf 1998 werkt hij voor de gemeente Amsterdam, waaronder negen jaar als projectleider stadswarmte en –koude. Hij schreef dit artikel op persoonlijke titel.

    Foto: omslag van het boek ‘De Twijfelbrigade’ van Jan Paul van Soest

    Redactie Ensoc, 19-okt-15



[1] Bron: Jan Paul van Soest, De Twijfelbrigade, pagina 201

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Meld jezelf nu aan voor de Ensoc nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, trends en aanbiedingen.

Reacties (1)

Reageren
  • P. Lomito
    23.10.2015 - 11:12 uur | P. Lomito

    Ik ben blijkbaar een klimaatscepticus want volgens mij is er nauwelijks sprake klimaatopwarming (temperatuur op aarde is al 18 jaar vrijwel constant, het verschil met de IPCC-rekenmodellen is inmiddels zo groot geworden dat de modellen door de datareeksen gefalsificeerd zijn), dat de gevolgen niet ernstig zijn (er zijn juist positieve gevolgen zoals verhoogde productie van biomassa/voedsel, terugdringing van woestijnen is Sahellanden) en dat er niets aan gedaan kan worden (afgelopen 20 jaar zijn er wereldwijd biljoenen euro's/dollars verspild aan CO2-reductie zonder enig resultaat).

    Daarbij zal het mij een biet zijn wat de Paus vindt of Obama, het enige dat mij boeit is wat er in real life te zien en meten is... en dat is zeker niet verontrustend.

    Overigens gaan er ook stemmen op om klimaatsceptici te straffen voor het tegenwerken van klimaatbeleid, zoals Al Gore: "We need to punish climate-change deniers". Maar er zijn ook meer extreme haters zoals een muziekprofessor uit Graz: "I have always been opposed to the death penalty in all cases. Even mass murderers (like Breivik) should not be executed, in my opinion. GW (global warming) deniers fall into a completely different category from Behring Breivik. They are already causing the deaths of hundreds of million future people. We could be speaking of billions, but I am making a conservative estimate. If a jury of suitably qualified scientists estimated that a given GW denier had already, with high probability (say 95%), caused the deaths of over one million people, then s/he would be sentenced to death".

    Als klimaatscepticus ben ik dan ook meer bevreesd voor enge mensen dan voor enge natuur.